Categorie: Nieuws

  • Column: Goud is geen geld!

    Hoe vaak horen we ‘goldbugs’ roepen dat goud geld is. Of dat goud weer geld zou moeten zijn, bijvoorbeeld door de waarde van geld weer te koppelen aan een vaste hoeveelheid goud. Dit soort sentimenten zijn kenmerkend voor een tijd waarin centrale banken vrijwel onbeperkt liquiditeit kunnen verstrekken en waarin banken voor vele miljarden overeind gehouden worden. Toch zitten de goldbugs ernaast als ze denken dat de monetaire problemen de wereld uit zijn als goud weer geld is…

    Goudstandaard

    Het idee van een koppeling van geld aan goud kent een groot aantal prominente aanhangers. Mensen als Ron Paul, Mike Maloney, Peter Schiff en tal van anderen zijn bij de goldbugs populair om hun visie op goud. Geïnspireerd door de Oostenrijkse economische school zetten zij zich af tegen de Keynesiaanse stroming en pleiten ze voor een terugkeer van geld met intrinsieke waarde. Pas als het geld weer gedekt is door iets van waarde zal de macht van overheden en banken beperkt worden. Door een goudwisselstandaard in het leven te roepen zou er een einde komen aan het fractioneel bankieren en zouden overheden gedwongen worden om hun begroting op orde te maken. Kostbare oorlogen zouden onder een goudstandaard niet gevoerd kunnen worden, of in elk geval minder lang kunnen duren. Een goudstandaard disciplineert banken en overheden, aldus de voorstanders.

    Bretton Woods

    Het falen van het Bretton-Woods systeem bewijst dat een koppeling van geld aan goud vroeg of laat spaak loopt. De Amerikanen beloofden na de Tweede Wereldoorlog een dollar ‘as good as gold’. Amerikaanse staatsobligaties werden vanaf dat moment op gelijke voet gezet met goud als reserve voor centrale banken. Daarnaast bleef de dollar inwisselbaar voor goud tegen een koers van $35 per troy ounce. Het Bretton-Woods systeem met een indirecte gouddekking bleek geen rem te zetten op de kredietgroei. Amerika kon schulden blijven maken, omdat andere landen hun dollars weer uitleenden aan de VS. De schuldverplichtingen van Amerika stapelden zich op in de rest van de wereld, terwijl de dollar nog steeds dezelfde koopkracht had in termen van goud. Het duurde dan ook niet lang voordat het buitenland (Frankrijk voorop, later volgde ook Nederland) dollarreserves begon in te wisselen voor goud. Binnen een paar jaar werd duidelijk dat de Amerika haar belofte van een dollar ‘as good as gold’ niet waar kon maken. Het goudloket werd in 1971 gesloten, omdat de VS anders in no-time door de resterende ~8.100 ton goud heen zou raken. De enige manier om een koppeling van de munt aan goud te garanderen is door continu goud te kopen of (veel vaker) te verkopen. De omvang van de goudvoorraad en de prijs waartegen goud gekoppeld wordt kan alleen bepalen hoe lang het duurt voordat al het goud verkocht is, maar een andere uitkomst kan niet verwacht worden.

    Goud is waardevol

    Laat er geen misverstand over bestaan als ik zeg dat goud geen geld is. Goud is een waardevol bezit! Het edelmetaal is schaars, het vergaat niet, het is goed te bewerken en het blijft eeuwig in circulatie. Daar komt bij dat goud zeer liquide is, omdat het zonder waardeverlies opgedeeld kan worden in kleinere stukjes en omdat het voor een relatief beperkte omvang veel waarde heeft. De gedachte dat goud geld zou moeten zijn is te herleiden tot een heel ver verleden, waarin goud (en zilver) gebruikt werden als een soort betaalmiddel. De stukken goud en zilver werden later in gestandaardiseerde gewichten geslagen, met als doel de handel te bevorderen. Omdat men kon vertrouwen op bepaalde goudsmeden werden gouden en zilveren muntstukken gemakkelijker geaccepteerd dan ongeslagen stukken edelmetaal. Het was de eerste stap naar geld op basis van vertrouwen. Door munten met een gestandaardiseerd gewicht te produceren konden handelaren sneller transacties uitvoeren, zonder eerst alle goudstukken te wegen en op echtheid te controleren. Het gebruik van gouden en zilveren munten bleef een veredelde vorm van ruilhandel. Er vond een directe ruil plaats van bezittingen (goud, zilver) voor bezittingen (grond, vee, meubels, gereedschappen, enz) of diensten (arbeid).

    Geld is krediet

    Naarmate de tijd vorderde kwam men erachter dat het veel handiger was om schuldbewijzen te gebruiken in plaats van de gouden muntstukken. Banken ontstonden toen de goudsmeden ongedekte goudcertificaten verstrekten aan klanten, waardepapieren die niet gedekt waren door goud in de kluis. Dit was het kantelpunt waarop geld als bezit (fysiek edelmetaal) veranderde in geld als schuld (krediet). Niet langer werd de waarde van geld bepaald door de intrinsieke waarde, maar door het vertrouwen van de samenleving in de centrale bank en in de kredietverlenende instanties. Het geldsysteem evolueerde van veredelde ruilhandel naar een boekhoudkundig systeem, waarin geld een middel werd om de uitwisseling van goederen en diensten in de reële economie bij te houden. Zie het als een groot scorebord. Geld werd een claim op productiviteit in de werkelijke economie, een claim die gegarandeerd wordt door de centrale bank. Het is om die reden dat er een handtekening van de centralebankpresident op ieder eurobiljet staat. Geld is niets meer dan de vertegenwoordiging van een sociaal contract, zoals Duisenberg beschreef in een toespraak uit 2002. Hij zij het volgende over geld:

    "We bieden onze arbeid aan in ruil voor geld, dat in zichzelf geen waarde heeft. We doen dit alleen omdat we erop vertrouwen dat we dat geld kunnen gebruiken voor de uitwisseling van goederen en diensten. Dit feit zegt op zichzelf al veel over het vertrouwen dat we leggen in het geld. En het zegt nog meer over het vertrouwen dat wij als mensen in elkaar hebben. Vandaar dat geld, in essentie, een sociaal contract is."

    Ook FOFOA beschrijft geld als een boekhoudkundig systeem, dat gesymboliseerd wordt door munten en bankbiljetten die vrijwel geen intrinsieke waarde hebben. Hij zei er onlangs het volgende over in dit artikel:

    "Transactional currency is simply a notional, purely symbolic token medium of exchange, much more replaceable, resource-efficient and environmentally friendly than mining stupid metals for stupid coins."

    Goud is geen geld

    Vandaag de dag is geld een vorm van krediet, dat door banken gecreëerd kan worden naargelang de behoefte vanuit de samenleving. Het voornaamste doel van geld is om de stroom van goederen en diensten door de economie te stroomlijnen. Geld is een ruilmiddel en rekenmiddel bij uitstek, want voor het betalingsverkeer zijn euro's oneindig veel handiger dan gouden en zilveren muntstukken. Goud is veel nuttiger als het gebruikt wordt als een soort tegenpool van geld, één die compenseert voor het waardeverlies van valuta. Het is daarom ook geen toeval dat goud tegenover geld staat op de balans van de centrale bank (zie weekstaat ECB). Goud is de belangrijkste bezitting van centrale banken, terwijl geld in omloop aan de passiva zijde van de balans staat.

    Balans ECB

    Balans ECB

    Door goud en geld uit elkaar te houden kan de groei van de geldhoeveelheid opgevangen worden met een stijging van de goudwaarde. Het spanningsveld dat een koppeling van goud aan geld creëert wordt verholpen door niet langer een koppeling van goud aan geld na te streven.

    Goud als spaarmiddel

    Zoals euro's het meest nuttig zijn als betaalmiddel en rekenmiddel, zo is goud het meest nuttig als spaarmiddel. Fysiek goud heeft alle wenselijke eigenschappen voor iedereen die vermogen voor een langere periode opzij wil zetten. Goud kent geen tegenpartij risico en behoudt zijn vermogen ook ten tijde van een valutacrisis. Het bezit van goud wordt aangemoedigd in Europa, doordat het geheel is vrijgesteld van BTW. Blijkbaar is daar goed over nagedacht toen de Europese muntunie werd opgericht...

    #Freegold

    Het concept waarin de drie functies van geld verdeeld worden tussen goud (spaarmiddel) en geld (betaalmiddel en rekenmiddel) wordt ook wel Freegold genoemd. Dit weekend plaatsen we op Marketupdate een video waarin Freegold in meer detail wordt uitgelegd.

  • Hoe Goldman Sachs de beleggers in goud voor de gek houdt

    Goldman Sachs gaf beleggers in goud begin april nog het advies om hun positie in het edelmetaal van de hand te doen. Een paar dagen later begon de grootste prijsdaling in meer dan dertig jaar en even later trok Goldman Sachs haar advies om short te gaan op goud weer in. Wat dat betreft kunnen we Goldman Sachs weinig verwijten, want iedereen die hun advies volgde is een grote prijsdaling bespaard gebleven.


    Dubbele agenda

    Het verkoopadvies van Goldman Sachs komt echter in een heel ander daglicht te staan, nu blijkt dat de bank massaal aandelen GLD heeft gekocht tijdens de prijsdaling van goud! In het tweede kwartaal van dit jaar, toen de goudprijs naar een dieptepunt van $1.180 per troy ounce zakte, was het Goldman Sachs die met open armen aandelen GLD kocht van gefrustreerde beleggers.

    De bank hield er een dubbele agenda op na. Eerst gaf ze klanten het advies om te verkopen en een paar dagen later kwam er geheel uit het niets een ongekend grote prijsdaling die goud $200 per troy ounce goedkoper maakte. De aandelen GLD die beleggers volgens Goldman Sachs moesten verkopen werden door diezelfde bank in een recordtempo opgekocht. In het tweede kwartaal voegde Goldman Sachs 3,7 miljoen aandelen van het ETF aan haar positie toe. De bank kocht ook de aandelen van John Paulson, die de helft van zijn positie in GLD onlangs van de hand deed.

    Goldman Sachs haalt goud uit GLD

    Een bank als Goldman Sachs heeft de mogelijkheid om aandelen GLD te ‘verzilveren’. Door een mandje van 100.000 aandelen aan te bieden aan de beheerder van het GLD ETF kan ze het equivalent aan fysiek goud opvragen uit het fonds. Dat gebeurde dan ook massaal, zoals we destijds al lieten zien op Marketupdate. Sinds begin april is de totale goudvoorraad van het fonds gekrompen van 1.220 tot ongeveer 920 ton, een daling van 300 ton (of ongeveer 25%). Goldman Sachs was waarschijnlijk één van de banken die aandelen GLD omwisselden voor fysiek goud.

    Goldman Sachs kocht aandelen GLD

    Goldman Sachs kocht aandelen GLD terwijl beleggers het advies kregen om te verkopen

  • Tweet van de dag (4 september 2013)

    Wat doen we met Syrië?

     

  • Tweet van de dag (3 september 2013)

    Waar is de tijd dat banken nog overzichtelijke instanties waren die failliet konden gaan? En waar is het mis gegaan in Nederland, waar drie banken inmiddels ’too big to save’ zijn…

  • Lezers Marketupdate verwachten stijging goudprijs

    Afgelopen woensdag plaatsen we een enquête met de vraag of de goudprijs zou gaan stijgen of dalen. Het sentiment onder de lezers van Marketupdate blijkt bijzonder positief voor goud, want 71,5% van de 193 ondervraagden verwacht eind dit jaar al een goudprijs van tenminste $1.500 per troy ounce. Ruim 15% geeft zelfs een koersdoel voor $2.000 per troy ounce door. Ongeveer 1/5 deel van de respondenten verwacht dat de goudprijs ongeveer op het huidige niveau blijft, namelijk binnen een bandbreedte van $1.250 tot $1.500 per troy ounce. Ongeveer 8% ziet de goudprijs dalen naar minder dan $1.250 per troy ounce.

    Ook hedgefondsen en speculanten verwachten een hogere goudprijs, zo schreef Bloomberg afgelopen maandag. Vermogensbeheerders hebben de grootste longpositie op goud sinds 22 januari, dat blijkt uit de cijfers die de CFTC wekelijks publiceert. De markt verwacht een militaire ingreep in Syrië en denkt dat de goudprijs daardoor zal stijgen. Een andere factor die uiteraard mee blijft spelen voor de rest van dit jaar is de discussie over tapering, de afbouw van het stimuleringsprogramma van de Fed. Deze maand zal de Fed opnieuw de afbouw van het stimuleringsprogramma in overweging nemen.

    Morgen plaatst Marketupdate weer een nieuwe enquête. Suggesties zijn welkom, mail ze naar [email protected].

    resultaten-poll-week35Meerderheid Marketupdate lezers verwacht hogere goudprijs tegen het einde van dit jaar

  • AFM wil belegger beschermen tegen turbo’s

    De AFM wil beleggers beschermen tegen de risico’s van hefboomproducten als turbo’s, sprinters en speeders. Uit onderzoek van de AFM blijkt dat het voor de meeste beleggers niet haalbaar is om een positief rendement te halen uit deze producten. De hefboomwerking houdt in dat de bank een substantieel deel van de inleg financiert, waardoor de belegger in verhouding tot de onderliggende waarde veel sneller geld kan verdienen of verliezen.

    Negatief rendement

    “Hoe hoger de hefboom, hoe kleiner de kans op een positief rendement”, zo verklaarde toezichthouder Kris Marx van de AFM. De toezichthouder publiceerde vandaag een rapport waarin alle aspecten van de turbo’s, sprinters en speeders over het voetlicht komen. Naar onderzoek blijkt dat grofweg twee derde van alle beleggers die deze hefboomproducten gebruiken ongeveer twee derde van hun inleg verliezen.

    Beter informeren

    De AFM heeft met de aanbieders van dit soort beleggingsproducten een aantal afspraken gemaakt om de belegger te beschermen. Zo komt er een website met extra informatie over hefboomproducten, een website die een educatieve insteek zal hebben. Ook moeten aanbieders meer waarschuwen voor de risico’s van turbo’s, sprinters en speeders. Dat moet niet alleen via de websites, maar ook via mobiele applicaties waar beleggers gebruik van maken.

    Minder hefboom

    De AFM verlangt van aanbieders dat ze hun assortiment nog eens goed onder de loep nemen en overwegen de producten met de hoogste hefboom uit de markt te halen. Door de waardeontwikkeling van de onderliggende waarde kan de hefboom stijgen of dalen. De AFM verzoekt aanbieders van turbo’s, sprinters en speeders om producten, die aan het eind van de handelsdag een te hoge hefboom hebben, uit hun assortiment te halen. De producten met de hoogste hefboom geven simpelweg een te kleine kans op een positief rendement, omdat de bank de positie verkoopt als deze door het stop-loss niveau heen breekt.

    De AFM geeft geen concrete aanwijzingen, maar laat het aan de markt over om te bepalen wanneer een hefboom te hoog is. De toezichthouder geeft ook aan dat de kans op een positief rendement vanaf 1 oktober een bepaald minimumpercentage moet zijn, maar dat percentage noemt ze niet. Alleen dat kan er al op wijzen dat de kans op een positief rendement op hefboomproducten schrikbarend klein is…

    Bronnen: IEX en Fondsnieuws

    afmAFM wil beleggers beschermen tegen risico’s van hefboomproducten

  • Vijftig grafieken over goud, schulden en de financiële crisis

    De volgende grafieken zijn afkomstig van een presentatie van Incrementum AG, een vermogensbeheerder die verstand heeft van goud en het geldsysteem. We kunnen de hele verzameling van vijftig grafieken aanbevelen (zie hier), maar om het de lezer makkelijker te maken hebben we een selectie gemaakt van de meest spraakmakende grafieken.

    Groei monetaire basis centrale banken

    Groei monetaire basis centrale banken

    Schuldengroei versus economische groei

    Schuldengroei versus economische groei

    Begrotingstekort VS

    Begrotingstekort VS

    Inflatie sinds ontkoppeling van de dollar van goud

    Inflatie sinds ontkoppeling van de dollar van goud

    Groei balans centrale bank versus goudprijs

    Groei balans centrale bank versus goudprijs

    Kredietgroei versus economische groei

    Kredietgroei versus economische groei

    Goud bier ratio

    Goud bier ratio

    Goud als percentage van totale financiële bezittingen

    Goud als percentage van totale financiële bezittingen

    Goud versus reële rente

    Goud versus reële rente 

    Goud en zilver tijdens deflatie

    Goud en zilver tijdens deflatie

    Goud versus aandelen

    Goud versus aandelen

    Goudprijs tijdens een valutacrisis

    Goudprijs tijdens een valutacrisis

    Stock to flow ratio van goud

    Stock to flow ratio van goud

    Nog geen parabolische stijgingNog geen parabolische stijging

  • Goudprijs stijgt het meest in september

    September is traditioneel een goede maand om goud te kopen, zo blijkt uit onderzoek van Marketupdate. Een analyse van de goudprijs vanaf 1970 tot en met nu leert ons dat de goudprijs gemiddeld het meeste stijgt in de maand september. Gemiddeld over alle septembermaanden vanaf 1970 tot en met 2012 zagen we een rendement van +2,59%. Ook de maanden november, januari en februari leveren gemiddeld een leuk rendement op voor goud.

    De goudprijs blijkt juist te dalen in maart en juni, het edelmetaal wordt dan gemiddeld respectievelijk 0,39% en 0,23% goedkoper. Als we het gemiddelde nemen van de maandelijkse rendementen komen we tot de conclusie dat de tweede helft van het jaar positiever is voor goud dan de eerste helft. Dat houdt waarschijnlijk verband met de Indiase goudmarkt, waar festivals en bruiloften in de tweede helft van het jaar extra vraag naar goud creëren.

    Maandelijks rendement goud

    Maandelijks rendement op goud

    Historisch rendement goud: 9,22% per jaar

    Tussen 1970 en 2012 leverde goud een gemiddeld rendement van 9,22% per jaar op. Eind 2012 stond de goudprijs op $1.657,50 per troy ounce, ruim 44x zo hoog als de prijs van $37,38 per troy ounce op 31 december 1970. De prijsstijging is uiteraard voor een groot deel toe te schrijven aan de inflatie, maar dat neemt niet weg dat fysiek goud een goede manier is om uw vermogen over een langere periode te beschermen.

    Uiteraard kan het resultaat op de kortere termijn slechter uitvallen. Wie in 1980 goud kocht heeft daar jarenlang weinig plezier van gehad. Op dit moment staat de goudprijs ook ver beneden de records van $1.920 per troy ounce in 2011 en bijna €1.380 per troy ounce in 2012. Toevallig werden deze records beide in de maand september neergezet…

  • Grafiek: QE3 zorgt niet voor meer kredieten

    Onderstaande grafiek van Soberlook laat zien dat het QE3 stimuleringsprogramma van de Federal Reserve geen impuls heeft gegeven aan de kredietmarkt. Het stimuleringsprogramma zorgde weliswaar voor een lagere rente, maar dat spoorde de Amerikaanse economie niet aan tot het opnemen van extra krediet. Onderstaande grafiek laat de jaar-op-jaar ontwikkeling van alle private schulden bij banken zien, afgezet tegen de hoeveelheid staatsobligaties die de centrale bank gekocht heeft.

    Sinds de start van het QE3 programma heeft de Amerikaanse centrale bank al €800 miljard aan staatsobligaties gekocht, maar in hetzelfde tijdsbestek zakte de kredietgroei van 6% naar 2% jaar-op-jaar. Als de Federal Reserve de hoop had dat het stimuleringsprogramma de economie zou aanjagen, dan is die hoop nu wel verdwenen.

    QE3 zorgt niet veel meer kredietgroei

    Niet meer kredietgroei door stimuleringsprogramma Federal Reserve (Bron: Soberlook)

  • Hoe reageert de aandelenmarkt op explosieve stijging olieprijs?

    Hoe reageren de aandelenmarkt op een een explosieve stijging van de olieprijs? Dat is de vraag die beleggers zich stellen, nu militair ingrijpen in Syrië overwogen wordt. Société Générale kwam al met een sombere voorspelling van een olieprijs van $150 per vat, een prijs die ongetwijfeld impact zal hebben op de economie. In 2008, 2011 en 2012 werd een correctie in aandelen vooraf gegaan door een olieprijs van meer dan $125…

    Bank of America verzamelde de cijfers van historische pieken in de olieprijs en maakte daar een overzicht van. Uit de tabel valt op te maken dat de invloed van een oliecrisis op de aandelenkoersen moeilijk te voorspellen is. Gemiddeld daalden aandelenkoersen met 2%, maar er zijn uitschieters van -15,5% (Irak-Koeweit conflict in 1990) tot +12,9% (Iran-Irak oorlog in 1980). Amerikaanse staatsobligaties met een looptijd van 10 jaar deden het tijdens oliecrises beter met een rendement van gemiddelde 0,4% en een veel lagere volatiliteit. Kortlopend schuldpapier bleek nog veiliger, daarop verloren beleggers geen geld tijdens een spike van de olieprijs.

    De beste conclusie is misschien nog wel om vast te stellen dat het effect van een snel stijgende olieprijs per situatie totaal verschillend is. Wel zien we dat beleggers bij onzekerheid vluchten richting de meest liquide ‘asset’ en dat is momenteel nog Amerikaans schuldpapier. Maar of dat zo blijft…?

    Rendement aandelen bij stijging olieprijs

    Klik op de tabel voor een grotere versie (Bron: Bank of America, via Zero Hedge)

  • Particuliere belegger blijkt slechte belegger

    Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat particuliere beleggers relatief slechte beleggers zijn. Toch laat  de massa zich keer op keer verleiden om hoog in te stappen. De particuliere beleggers presteren gemiddeld gezien onder de maat, omdat ze relatief veel transactiekosten maken, teveel risico’s nemen en vaak de neiging hebben om op het verkeerde moment uit te stappen.

    Bob Homan van ING Investment verklaart tegenover het FD dat het sentiment van particuliere beleggers bijna een contra-indicator is. Ze stappen in als alle signalen op groen staan en zoeken tegelijk de uitgang als het tegen zit. Door verlies-aversie blijven veel beleggers te lang vasthouden aan een positie, die ze uiteindelijk pas verkopen als de koers een dieptepunt bereikt. Het FD haalt verschillende onderzoeken aan die aantonen dat particuliere beleggers ver achterblijven bij de index. Onderzoek onder Duitse beleggers leverde een gemiddeld rendement op dat 7,5% onder het marktgemiddelde lag. Daar komt nog een procent voor transactiekosten bij.

    Risicovol beleggen

    De particuliere belegger wil vaak snel resultaat zien van zijn of haar belegging en kiest daardoor vaker voor complexe producten als opties, speeders en turbo’s. Er zijn maar heel weinig beleggers die daar structureel geld aan overhouden. Ook spreiden particuliere beleggers veel minder goed, waardoor ze kwetsbaar zijn voor tegenslagen. Vooral op het vlak van risicobeheersing hebben grotere beleggingsfondsen en institutionele beleggers een betere trackrecord, maar ook deze professionals blijven vaak genoeg achter bij het rendement van de index. Daar komt bij dat er ook kosten verbonden zijn aan vermogensbeheer.

    Sparen of beleggen?

    Universitair docent Arvid Hoffmann zegt in het FD dat de noodzaak van particulier beleggen niet zo vanzelfsprekend is al men misschien denkt. “Sparen en beleggen zijn twee compleet verschillende dingen. Als je de rendementen vergelijkt, dan moet je dat goed doen”. Hij doelt daarmee op de ervaring dat beleggen iets is voor de langere termijn en dat het rendement op een lange-termijn belegging vergeleken moet worden met bijvoorbeeld de rente op een deposito rekening.

    Vaak worden spaarders aangemoedigd om te gaan beleggen en hun geld “aan het werk” te zetten. Toch blijkt dat voor velen geen verstandige zet. Zonder een doordachte strategie en een lange termijn visie spekt de particuliere belegger vooral de kas van de banken en de grote beleggingsfondsen. Een tracker of ETF die de index volgt is misschien saai, maar is wel de beste manier om het marktrendement te benaderen. Dat blijkt ook voor professionele vermogensbeheerders al een hele prestatie te zijn!

    beleggen 2

    Particuliere beleggers verliezen over het algemeen juist geld op de beurs