Categorie: Nieuws

  • LIVE: ECB persconferentie 2 mei 2013 (14:30)

    UPDATE: De ECB heeft de rente verlaagd naar 0,5%. De rente voor de marginal lending facility is ook met 25 basispunten verlaagd tot 1%

    De inflatie in de eurozone is al een half jaar aan het dalen en kwam de afgelopen maand uit op slechts 1,2%. In juni 2012 is de rente voor het laatst verlaagd, toen van 1 naar 0,75 procent. Om de prijsstabiliteit te bewaken verlaagde Draghi destijds ook de opslag op geld dat banken bij de centrale bank parkeren, van 0,25% naar 0%.

    Nieuwe maatregelen van de ECB worden vandaag niet verwacht. Volgens sommigen is het mogelijk dat Draghi de eisen aan het onderpand van banken versoepelt, zodat die makkelijker geld uit kunnen lenen aan bedrijven en particulieren.

    De financiele markten zijn relatief kalm en ook de obligatierente van de ‘probleemlanden’ geeft momenteel weinig reden tot zorg. Onlangs zakte de rente op Italiaanse staatsobligaties met een looptijd van 10 jaar onder de 4%, het laagste niveau in drie jaar tijd. Ook de Spaanse rente kruipt alweer richting de 4%. De daling van de rente op deze staatsobligaties voor een deel worden toegeschreven aan Italiaanse banken en een Spaans pensioenfonds, zoals we eerder al schreven op Marketupdate.

     

  • Pimco: Pas op voor de verborgen haircuts

    1. Negatieve reële rente

    Tijdens en na de Tweede Wereldoorlog verlaagden veel landen met een hoge schuldenlast de rente tot een niveau lager dan de inflatie. Spaarders werden op deze manier niet volledig gecompenseerd voor het waardeverlies van de munt. In combinatie met een groeiende economie wist de VS op deze manier haar staatsschuld als percentage van het GDP in enkele jaren te halveren vanaf de piek van 250%. Dit ging ten koste van de spaarders, die met hun dollars niet genoeg compensatie kregen voor de inflatie.

    Wat de obligatiehouders laten liggen is de winst voor de overheid, die de reële omvang van haar schuld ziet afnemen. Grote obligatiehouders als Japan en China zullen volledige terugbetaling krijgen van de Amerikaanse staatsobligaties, maar de vraag is hoeveel koopkracht daar nog van over blijft.

    2. Inflatie / devaluatie munt

    Inflatie lijkt onlosmakelijk verbonden te zijn met een fractioneel banksysteem. Als er meer kredieten worden verstrekt dan afbetaald neemt de geldhoeveelheid in circulatie toe, wat een prijsopdrijvend effect heeft in een economie die minder snel groeit. De inflatie verkleint de koopkracht van iedere dollar of euro in circulatie. Een stijging van de nominale waarde van een belegginsportefeuille hoeft niet altijd te betekenen dat u rijker bent geworden. In een scenario van hyperinflatie gaan ook aandelenkoersen sterk omhoog, maar vaak niet voldoende om de inflatie bij te houden.

    3. Kapitaalcontroles

    Overheden en centrale banken kunnen kapitaalcontrole toepassen om de instroom of uitstroom van geld te beperken. Zo belast Brazilië inkomend kapitaal en beperkt Cyprus de hoeveelheid kapitaal die het land mag verlaten. In 1933 verbood de Amerikaanse regering zelfs het privé bezit van goudbaren en gouden munten, boven een bepaalde hoeveelheid.

    4. Faillissement

    Een ‘default’ kan ook vrij plotseling komen. Bill Gross haalt het voorbeeld aan van de 5-jaars obligaties van wapenfabrikant Dobbins. De obligatie met goudkleurige zegel beloofde terugbetaling in dollars of in machinegeweren, maar geen van beide werd uiteindelijk geleverd. Met een ironische ondertoon merkt Bill Gross op dat steeds meer centrale banken nu aandelen aan het kopen zijn. Dat zou aandelen nog veiliger maken dat bedrijfsobligaties van bedrijven als Dobbins.

    Bron: Pimco

  • Goudmijnen hardst getroffen door daling goudprijs

    Tijdens de vorige bull market in goud waren goudmijnen het meest voor de hand liggende alteatief voor fysiek goud om blootstelling te krijgen aan de goudprijs. Doordat er in de jaren ’70 nog geen goudtrackers waren stapten veel beleggers massaal in de mijnaandelen. Het FD schrijft in de krant van 30 april dat goudmijnaandelen geen prominente rol meer vervullen in de wereld van beleggers, omdat er nu ook tal van ETF’s zijn die blootstelling geven aan de goudprijs.

    Het FD schrijft dat een goud-ETF, een relatief nieuw fenomeen dat nog maar tien jaar bestaat, het voor beleggers veel toegankelijker heeft gemaakt om in goud te beleggen. De krant schrijft dat de waarde van een index van mijnbouwbedrijven sinds de piek in 2010 met $125 miljard gezakt is, terwijl de goudvoorraden van de zogeheten trackers in dezelfde periode $45 miljard meer waard geworden is.

    De krant schrijft dat veel mijnbouwbedrijven nog steeds winstgevend zijn, omdat de goudprijs de afgelopen jaren sneller gestegen is dan de kostprijs. Toch is het kostbaarder geworden om mijnen operationeel te houden. Het vinden en aanboren van nieuwe reserves is een uiterst kostbare gelegenheid, zeker nu het makkelijk vindbare goud al gedolven is. De waarde van een mijnaandeel hangt sterk samen met de winstgevendheid, terwijl die juist sterk onder druk kan komen te staan na een prijsdaling zoals die van twee weken geleden.

    Steeds meer beleggers geven hun voorkeur aan trackers op de goudprijs, omdat die makkelijker verhandelbaar zouden zijn dan aandelen van mijnbouwbedrijven. Inmiddels bezitten beleggers via goudtrackers ongeveer $150 miljard aan goud, zo schrijft het FD op basis van gegevens van Bloomberg.

    Goud of mijnaandelen?

    Het behoeft geen uitleg dat aandelen van goudmijnen geen alteatief zijn voor fysiek goud of voor een goudtracker. Het is een ander soort belegging met een heel ander risicoprofiel. Fysiek goud is een bezitting met intrinsieke waarde zonder tegenpartij, terwijl een goudmijn prestaties moet leveren die afhankelijk zijn van het management, het personeel, productiekosten en de overheid van het land waar de mijn actief is. Daar heeft Marketupdate eerder al het nodige over geschreven. De recente daling van de goudprijs zet de sector verder onder druk.

    GLD (rood) afgezet tegen de Gold Miners index (blauw), klik voor een grotere versie (Bron: Yahoo Finance)

  • Percentage huiseigenaren VS terug op niveau van 1995

    Door een versoepeling van de kredietvoorwaarden en een daling van de rente konden steeds meer mensen geld voor een huis. Als gevolg daarvan steeg het percentage Amerikanen met een koopwoning tussen 1994 en 2005 van minder dan 64 naar meer dan 69 procent. De schuldgedreven vastgoedbubbel bleek niet houdbaar toen de Federal Reserve de rente in twee jaar tijd stapsgewijs verhoogde van 1% naar 5%.

    Vooral de Amerikanen met lage inkomens kwamen in de problemen door de stijgende maandlasten. Steeds meer Amerikanen konden of wilden de hypotheek niet langer betalen en leverden de sleutels van hun huis bij de bank in. Een tragedie die vooral de lagere inkomensgroepen veel schade heeft toegebracht.

    In 2002 hield toenmalige president George W. Bush nog een vurig pleidooi voor meer huizenbezit, met name onder huishoudens met een laag inkomen. Bush zorgde ervoor dat de regels versoepeld werden en dat Fannie Mae en Freddie Mac kredieten verstrekten aan hypotheekgevers die de lasten eigenlijk niet konden dragen. Onderaan dit artikel staat de audio-opname die RTL-Z jaren

    Stijgende huren

    De lagere huizenprijzen trekken op dit moment vooral investeerders aan, die verschillende woningen tegelijk opkopen met als doel deze te verhuren. De groeiende vraag naar huurwoningen in de VS heeft een prijsopdrijvend effect gehad op de huren, zoals de twee grafiek laat zien. De derde grafiek toont aan dat ook de prijzen van leegstaande woningen weer langzaam aan het stijgen zijn.

    Percentage Amerikanen met eigen woning weer terug op het niveau van 1995 (Bron: Zero Hedge)

    Huren stijgen, prijzen van leegstaande woningen zitten ook weer in de lift (Bron: Zero Hedge)

    George Bush wil woningbezit stimuleren (oktober 2002)

  • Topman CME: “œMensen willen de goudcertificaten niet meer, ze willen fysiek product”

    Wat Duffy zegt is niet nieuw, maar het is bijzonder om de woorden uit zijn mond te horen. De CME Group is namelijk een beursvloer waarop termijncontracten voor tal van grondstoffen verhandeld worden. Ook de COMEX, waar de bekende goud- en zilvercontracten verhandeld worden, hoort bij de CME Group. Hij heeft er dus belang bij dat men blijft handelen in die papieren contracten.

    Duffy maakt nog een interessant opmerking. Hij zegt dat de populariteit van gouden munten ten opzichte van papieren posities in goud laat zien wat de echte waarde is van fysiek goud. “De munten hebben meer waarde dan alle andere opties”, waarmee hij doelt op de mijnaandelen en goudcertificaten. Duffy zegt het niet expliciet, maar waarschijnlijk doelt hij op het feit dat alleen fysiek goud geen tegenpartij risico heeft. Het heeft waarde vanuit zichzelf, terwijl aandelen en contracten waarde ontlenen aan de prestaties van een tegenpartij.

    De topman van de CME maakt de opmerkingen aan het begin van de video, vanaf 0:40.

     

  • US Mint verkocht in april 4 miljoen Silver Eagle munten

    Ondanks het feit dat er zoveel zilveren munten geproduceerd en verkocht zijn is er nog steeds sprake van krapte in de markt. Leveranciers kunnen de Silver Eagle moeilijk leveren, omdat de vraag naar de munten sinds de prijsdaling van twee weken geleden explosief gestegen is. Het vorige verkooprecord voor april werd twee jaar geleden neergezet, toen de zilverprijs naar $48 per troy ounce steeg. In die maand verkocht de US Mint 2.819.000 Silver Eagle munten. Het oude record is dit jaar dus met bijna 45% overtroffen.

    Gezien het aantal bestellingen dat in de wachtrij staat kan men verwachten dat de productie van de US Mint ook in de maand mei op volle toeren zal draaien. Als de productie van de US Mint in dit tempo doorgaat zullen er over heel 2013 ongeveer 55 miljoen Silver Eagle munten geproduceerd worden. We weten natuurlijk niet hoe de markt zich later dit jaar zal ontwikkelen, maar de kans lijkt groot dat het oude record van bijna 40 miljoen Silver Eagles uit 2011 overtroffen zal worden.

    15,6 ton aan gouden munten

    Ook de gouden munten van de US Mint gingen als warme broodjes over de toonbank. In de maand april werd er voor 209.500 troy ounce aan Gold Eagle en Gold Buffalo munten verkocht. Dat was meer dan in januari, toen er 150.000 troy ounce aan gouden munten van de band rolde. In de maanden februari en maart samen werd er ook niet zoveel goud verkocht als de afgelopen maand. Over heel 2013 staat de teller van de US Mint op 502.000 troy ounce aan gouden munten, omgerekend is dat 15,6 ton aan gewicht. In 2009 had de US Mint rond deze tijd van het jaar ook ongeveer een half miljoen troy ounce aan gouden munten verkocht. Vergeleken met de eerste vier maanden van vorig jaar verkocht de US Mint dit jaar ruim 2x zoveel goud.

    De US Mint verkocht in de eerste vier maanden van 2013 een half miljoen troy ounce aan gouden munten

    De verkoop van zilveren munten was na vier maanden nog niet eerder zo groot als nu

  • Slecht banencijfer ADP zet goud en zilver lager

    De financiële markten werden een maand geleden ook al teleurgesteld door de cijfers van ADP, want toen kwam het aantal nieuwe banen ook veel lager uit dan waar analisten op rekenden. Zero Hedge merkt op dat de banencijfers van maart en april samen 100.000 lager zijn uitgekomen dat waar men aanvankelijk rekening mee hield.

    Van de 119.000 nieuwe banen kwamen er 50.000 voor rekening van kleine bedrijven, werden er 26.000 ingevuld door middelgrote bedrijven en waren er 43.000 toe te schrijven aan grote bedrijven. Helaas kwam het herstel niet uit de maakindustrie, want daar gingen in vergelijking met een maand eerder tienduizend banen verloren. Financiële dienstverlening en constructie waren goed voor respectievelijk 7.000 en 15.000 nieuwe banen. In het zakenleven werden 20.000 nieuwe banen toegevoegd in de maand april, terwijl transport en handel de afgelopen maand goed was voor 29.000 nieuwe banen.

    Het cijfer van 119.000 nieuwe banen zet ons opnieuw aan het denken over het herstel van de Amerikaanse economie. Het cijfer was veel lager dan de gemiddelde banengroei van de afgelopen zes maanden, namelijk 185.000 per maand. Een banengroei van 119.000 is ook niet voldoende om de groei van de beroepsbevolking bij te houden.

    Goud en zilver omlaag

    Slecht nieuws over de arbeidsmarkt zet de goudprijs in dollars 1,47% lager op $1.450 per troy ounce en laat de zilverprijs met 3,04% zakken naar $23,41 per troy ounce. Hoewel we het verband tussen de Amerikaanse arbeidsmarkt en de prijs van goud en zilver niet kunnen aantonen valt het ons op dat de prijzen van goud en zilver vaak sterk reageren op dit soort cijfers. De prijzen van beide edelmetalen stonden vanmorgen al wat onder druk, als gevolg van een tegenvallend cijfer over de Chinese economie. De inkoopmanagers index (PMI) kwam uit op 50,60, terwijl men een cijfer van 51 verwachtte. Dit cijfer is gebaseerd op een enquête die 700 Chinese bedrijven iedere maand invullen.

    Banencijfer van ADP valt opnieuw tegen

    Cijfers van loonstrookjesverwerker ADP goede indicator voor het officiële banencijfer van de BLS

    Infographic van ADP met de cijfers van april 2013

    Goudprijs zakt verder weg na teleurstellend banencijfer VS

    Ook de zilverprijs gaat onderuit op het slechte nieuws

  • Ook Amerikaanse aandelenmarkt blijft maar stijgen…

    De macro-economische indicatoren in de VS staan momenteel op het laagste niveau in zeven maanden tijd, maar de S&P 500 index staat ruim 10% hoger dan toen. De index van 500 grote Amerikaanse bedrijven breekt nieuwe records en is op het moment van schrijven nog maar een neuslengte verwijderd van de 1600 punten.

    Macro-economische indicatoren negatief, maar aandelenmarkt is positief (Bron: Zero Hedge)

  • Ook fondsmanager BlackRock gelooft in goud

    Het interview met de Evy Hambro verscheen afgelopen zaterdag in de krant, maar is uiteraard ook op de website van het FD te lezen. We nemen er enkele passages uit die goed aansluiten op datgene waar Marketupdate de afgelopen weken ook al geschreven heeft.

    “V Is goud nog een veilige haven?
    ‘Goud is een briljante waardebeschermer. We hebben de prijsontwikkeling van een mandje met goederen eens tegen het licht gehouden. We hebben gekeken naar wat een pak melk 25 jaar geleden kostte, wat een vat olie toen deed, wat de gemiddelde huizenprijs was in Groot-Brittannië en nog wat andere zaken. In veel gevallen moet je voor dit soort producten in ponden nu minstens vier keer zo veel betalen als toen. Maar je hebt minder goud nodig om hetzelfde te kunnen kopen.’”
    De relatieve waardevastheid van goud hebben we op Marketupdate al meerdere keren laten zien aan de hand van grafieken. Van de goud/olie ratio waar Hambro naar verwijst maakten we begin dit jaar een grafiek, die laat zien dat het historische gemiddelde op ongeveer 15 vaten olie per troy ounce goud lag. Uiteraard waren er periodes waarin de olieprijs relatief hoog of laag was, maar de prijsexplosie in dollars zien we niet terug als we olie uitdrukken in goud.
    In maart plaatsten we enkele grafieken van Businessinsider, die laten zien dat de prijs van verschillende consumptiegoederen als voedsel, benzine, postzegels, electriciteit in goud de afgelopen decennia zelfs omlaag is gegaan. Evy Hambro neemt ook de huizenprijzen in Groot-Brittannië als voorbeeld, die zouden in goud gemeten ook goedkoper zijn geworden. Een bijzondere constatering, want in februari schreven we op Marketupdate nog dat de huizenprijzen in het Verenigd Koninkrijk sinds 1971 43x over de kop zijn gegaan. De prijsontwikkeling ziet er dus compleet anders uit wanneer men deze bekijkt vanuit een ‘valutabril’ of een ‘goudbril’.
    Marketupdate plaatste in januari een grafiek van de Nederlandse huizenprijzen in goud, waaruit blijkt dat koopwoningen sinds 2003 al bijna driekwart goedkoper zijn geworden in termen van goud. In termen van goud betaalt men voor een gemiddelde woning nu evenveel goud als in 1990. Er is voldoende bewijs te vinden om de uitspraken van de BlackRock fondsmanager te onderbouwen.
    “V De recente prijsval verontrust u niet?
    ‘De daling kwam door speculatie in de papieren handel. De vraag naar goud zelf, het fysieke product, is sindsdien alleen maar toegenomen. Ik spreek geregeld met mensen in Azië. In Hongkong en India staan er rijen bij juwelierszaken. Er is niet genoeg goud om aan de vraag te voldoen. Dat is in maanden niet voorgekomen en van zo’n situatie was ook geen sprake toen de prijs op $ 1900 stond. Toen was de fysieke vraag naar goud relatief laag.’”
    Ook op Marketupdate hebben we gewezen op de twee gezichten van de goudmarkt. Enerzijds is er de speculatie in de ‘papieren’ goudmarkt, waar vrijwel uitsluitend claims worden uitgewisseld, anderzijds is er de fysieke markt van beleggingsgoud en -zilver in de vorm van munten en baren. In de papieren markt moesten veel speculanten posities sluiten, omdat ze de margin calls niet konden dragen en met teveel geleend geld in de markt zaten. Dan zijn er nog de handelaren die besloten goud te verkopen, omdat een belangrijk steunpunt van $1.525 per troy ounce doorbroken werd. Ondertussen was de vraag naar fysiek metaal bijzonder groot. In de Marketupdate Weekendeditie van week 17 en 16 kon u daar alles over lezen.
    “V Hoe verklaart u de Aziatische belangstelling?
    ‘De mensen in Azië gebruiken de prijsval om toe te slaan en goud te kopen. En wat we in het Westen niet altijd goed beseffen: zij kopen sieraden vanwege het gewicht aan puur goud dat erin zit en niet, zoals wij hier, vanwege het merk dat erop staat. Als ik een gouden ring hier omsmelt, krijg ik voor de hoeveelheid goud een derde van de aanschafprijs terug. Daar is het 99%.’”
    In landen als India en China heeft men de gewoonte om gespaard geld om te zetten in fysiek goud, terwijl we in de ‘Westerse wereld’ geleerd hebben om geld op een bankrekening te zetten en via een fractioneel systeem uit te lenen met rente. Dat verklaart de afwijkende visie op gouden sieraden. Marketupdate vertaalde een interessante analyse van FOFOA over goud. Die kunt u hier teruglezen.
    Evy Hambro merkt in het interview op dat de productie van goud nauwelijks is toegenomen, terwijl de vraag steeds groter wordt. Dat heeft een prijsopdrijvend effect. Ook merkt hij op dat de opmars van papieren handel in goud heeft gezorgd voor meer liquiditeit in de markt, maar dat het de goudprijs tegelijkertijd veel volatieler heeft gemaakt. Voor beleggers met een lange termijn horizon is dat minder problematisch dan voor handelaren die dagelijks op de markt actief zijn.
  • “Indexfonds verslaat in tien jaar 99,6% van de fondsbeheerders”

    Uit steeds meer onderzoeken blijkt dat een passieve beleggingsstrategie met lage beheerskosten en transactiekosten aan het eind van de rit het meeste rendement oplevert. Niet omdat de onderliggende waarde het altijd beter doet dan bij een fonds dat actief beheerd wordt, maar vooral omdat er veel minder kosten gemaakt worden.

    Op de beleggerssite The Motley Fool rekende men uit dat de gemiddelde managementkosten voor een Amerikaans beleggingsfonds 1,29% op jaarbasis is. Het gevolg daarvan is dat er over een periode van tien jaar in totaal $1.883 ingehouden wordt op iedere $10.000. Een goedkoop indexfonds van de S&P 500, zoals Vanguard 500, rekent per jaar slechts 0,12% aan kosten. Over tien jaar is dat in totaal maar $154 over een inleg van $10.000. Over deze periode heeft een belegger in een indexfonds als Vanguard 500 $1.724 meer geld in aandelen zitten dan een belegger die kiest voor een actief beheer van zijn of haar vermogen.

    Een lezer van die site analyseerde de prestaties van 24.711 fondsen die waren opgenomen in het overzicht op Yahoo Finance en 17.785 fondsen uit het overzicht van de Wall Street Joual. De resultaten van al deze fondsen waren gemiddeld genomen ronduit teleurstellend te noemen. Van alle fondsen die de Wall Street Joual volgt waren er maar 71 die over de afgelopen tien jaar meer hebben opgeleverd dan een indexfonds, omgerekend slechts 0,4% van alle 17.785 fondsen.

    Eerder schreven we op Marketupdate ook al over de slechte resultaten van de gemiddelde vermogensbeheerder in 2012. Slechts 10% van de fondsen wist dat jaar de index te verslaan. Op een langere termijn dunt het aantal beleggingsfondsen dat de index weet te verslaan verder uit tot minder dan 1%, als we de resultaten van dit onderzoek mogen geloven. Op zich niet vreemd, want over een periode van tien jaar begint ook het rente op rente effect door te werken. Hoe langer het geld in de aandelenmarkt zit, hoe meer voorsprong men haalt uit de lage kosten van een indexfonds.

    De populariteit van indexfondsen heeft wel een nadelig effect op de liquiditeit van individuele aandelen. Hoe meer geld beleggers in indexfondsen stoppen, hoe minder volume er verhandeld wordt van een bepaald aandeel. Als een aandeel afgestraft wordt door slecht nieuws zullen er in theorie minder actieve kopers te vinden zijn in de markt. Een passief indexfonds kan niet anticiperen op een plotselinge koersdaling van een bepaald aandeel. Naarmate er meer vermogen in indexfondsen wordt gestopt loont het meer om actief te gaan beleggen. Het gebrek aan flexibiliteit van indexfondsen en ETF’s kan dan in eht voordeel werken van de actieve belegger.

    Bron: Of Two Minds Blog en Beginnersinvest

    Over een langere periode renderen indexfondsen meer door de lagere kosten

  • Grafiek: Aandelen ongevoelig voor slechte economische cijfers?

    Eind 2009 en in de eerste helft van 2011 waren beleggers enthousiast over aandelen, terwijl de macro-economische cijfers al een correctie voorspelden. Met een vertraging van enkele maanden zakten de aandelenkoersen in en werd de relatie met de macro-economsiche data hersteld. Afgelopen week kwamen er opnieuw veel teleurstellende macro-economische cijfers uit in Europa, zoals onderstaande grafieken op Zero Hedge laten zien. Tegelijkertijd steeg de Eurostoxx aandelenmarkt met 5%.

    Zitten de macro-economische cijfers eaast of zijn de aandelenbeleggers te positief geworden?

    Macro-economische data voorspelt een correctie? (Grafiek van Bloomberg, via Zero Hedge)

    Grootste verslechtering macro-economische data sinds 2007 (Grafiek van Bloomberg, via Zero Hedge)