Blog

  • Zwitserland sluit zich aan bij Chinese investeringsbank

    In navolging op veel andere Europese landen heeft ook Zwitserland zich aangesloten bij de nieuwe Chinese investeringsbank. Dat betekent dat ook Zwitserland een financiële bijdrage zal leveren aan de ontwikkeling van nieuwe infrastructuur om Europa met Azië te verbinden. Zwitserland legt verspreid over vijf tranches een totaalbedrag van $706,4 miljoen in. Ook heeft het land al twee vertegenwoordigers naar voren geschoven, namelijk Johann Schneider-Ammann en Didier Burkhalter. Zwitserland krijgt stemrecht in een blok met Denemarken, IJsland, Noorwegen, Polen, Zweden en Groot-Brittannië.

    Chinese investeringsbank

    De Asian Infrastructure Investment Bank (AIIB) werd een jaar geleden door China gelanceerd als een internationaal project om de handelsroutes tussen Europa en Azië te verbeteren. Alle landen die aan deze investeringsbank deelnemen hebben een bepaald bedrag toegezegd dat voor dit doel gebruikt kan worden. De AIIB hoopt in totaal $100 miljard op te halen bij alle deelnemende landen, geld dat gebruikt zal worden voor de aanleg van spoorwegen, snelwegen en bruggen. Dat is nog maar een begin, want volgens experts kan er alleen in Azië al $2 biljoen geïnvesteerd worden in het verbeteren van de infrastructuur. Met een goede spoorwegverbinding worden goederen twee keer zo snel van China naar Duitsland vervoerd als over zee. Volgens sommige experts zal de wereldhandel de komende decennia in toenemende mate over land plaatsvinden, nu het zwaartepunt van de wereldeconomie verschuift van de Verenigde Staten naar het Euraziatische continent.

    AIIB

  • Grafiek: Vastgoedbubbel in Verenigd Koninkrijk

    In het Verenigd Koninkrijk zijn de huizenprijzen sinds 1926 twee keer zo snel gestegen als de inkomens, zo blijkt uit onderzoek van de New Economics Foundation. Zij brachten de ontwikkeling van de huizenprijzen en inkomens in kaart sinds de geboorte van de Queen Elizabeth II en ontdekten een zeer sterke correlatie tot en met de jaren ’80 van de vorige eeuw.

    Daarna begonnen de huizenprijzen en inkomens sterk uit elkaar te lopen, met als gevolg dat de huizenprijzen in het land gestegen zijn tot negen keer het inkomen. In Londen liggen de prijzen nog hoger, want daar betaal je voor een huis gemiddeld twintig keer het gemiddelde inkomen.

    nef-earnings-houses

    Huizenprijzen versus inkomens in Verenigd Koninkrijk (Bron: NEF)

    Financiële deregulering

    In de jaren zeventig kregen banken door de financiële deregulering meer mogelijkheden om krediet te verlenen aan huishoudens. Het verstrekken van hypotheken bleek een zeer lucratieve activiteit voor de banken, met als resultaat dat de totale hypotheekschuld begon te stijgen. Met allerlei innovatieve vormen van financiering, zoals aflossingsvrije hypotheken en beleggingshypotheken, werd het voor consumenten makkelijker meer geld te lenen voor een huis. Gecombineerd met stimulerende maatregelen van de overheid zorgde dat voor een langdurige stijging van de huizenprijzen.

    Een stijging van de huizenprijzen maakt wonen steeds duurder. Volgens het New Economics Foundation dient de oplossing voor dit probleem gezocht te worden in het beperken van huurverhogingen en het verminderen van de kredietverlening. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan…

  • Is Japan kandidaat voor hyperinflatie?

    Het gaat niet zo goed met de Japanse economie. Het land gaat gebukt onder hoge schuldenlast en heeft daar nog steeds geen oplossing voor gevonden. Monetaire en fiscale stimulering blijkt geen structurele verbetering op te leveren, terwijl de centrale bank steeds gekkere sprongen maakt om de economie te ondersteunen. We hebben vier zorgwekkende trends van de afgelopen jaren op een rij gezet…

    1. Vlucht in staatsobligaties

    De rente op Japanse staatsobligaties met een looptijd van dertig jaar is de afgelopen maanden spectaculair gedaald. Kreeg je begin dit jaar nog 1,2% rendement op deze langlopende lening, nu is dat niet veel meer dan 0,2%. Beleggers vluchten in staatsobligaties, omdat die nog steeds de status van veilige haven hebben. Maar hoeveel staatsobligaties kunnen beleggers nog kopen, nu ook de Bank of Japan de spreekwoordelijke geldpers laat draaien?

    Eerder deze maand schreef Bloomberg dat er bijna geen handel is meer is de langlopende staatsobligaties, omdat niemand zijn stukken nog wil verkopen. Op een bepaalde dag was er zelfs helemaal geen handel in de Japanse staatsobligaties van dertig jaar. Geen wonder dat we dan de volgende grafiek zien…

    2. Bank of Japan bezit meer dan helft van alle ETF’s

    De Japanse centrale bank heeft alle registers opengezet om deflatie te voorkomen. De afgelopen jaren heeft de Bank of Japan stelselmatig staatsobligaties en aandelen opgekocht, in een poging de economie te stimuleren. Het resultaat van dit alles is dat de centrale bank op dit moment niet alleen de grootste bezitter is van de staatsschuld, maar ook van alle ETF’s in Japan. In 2010 begon de Bank of Japan aandelen te kopen via zogeheten exchange traded funds, met als resultaat dat meer dan de helft van al deze ETF’s inmiddels op haar balans staat. Hoe gezond is de economie nog als de centrale bank de prijzen ondersteunt door de helft van de aandelen op te kopen?

    boj-etf-holdings

    Bank of Japan bezit helft van alle ETF’s (Bron: Bloomberg)

    3. Japanners vluchten in contant geld

    Eerder dit jaar schreven we over de run op kluisjes en contant geld. De invoering van negatieve rente door de Bank of Japan was voor veel spaarders reden om geld van de bank te halen en in de vorm van bankbiljetten in de kluis te stoppen. Dit is funest voor de banken, omdat spaargeld het onderpand is waarop zij geld mogen uitlenen. En als spaargeld begint te schuiven kunnen ook de banken in de problemen komen. De vlucht naar contant geld is ook de reden dat de Bank of Japan meer bankbiljetten moet bijdrukken.

    10000yen-banknote

    Meer vraag naar grote bankbiljetten en kluisjes in Japan

    4. Handelsbalans

    Sinds de aankondiging van nieuwe monetaire stimulering in december 2012 zakte de waarde van de Japanse yen ten opzichte van de Amerikaanse dollar met meer dan 40%. Je zou verwachten dat de Japanse economie hier een exportvoordeel uit zou halen, maar het tegenovergestelde gebeurde. Het voordeel van de exportpositie werd teniet gedaan door hoge importkosten voor olie en gas. Deze kosten zijn het afgelopen jaar enorm gedaald, wat een gunstig effect heeft gehad op de betalingsbalans van Japan. Maar of het land van de rijzende zon ooit weer de sterke exporteconomie van weleer wordt, dat is nog maar de vraag met concurrentie uit andere Aziatische landen zoals Zuid-Korea. Een land met een eigen centrale bank een een structureel handelstekort is een kandidaat voor hyperinflatie.
    "If you're running a trade deficit and your government can (and will) print, then you are a candidate for hyperinflation." - FOFOA

    japan-balance-of-trade

    Japan is niet langer een exporteconomie (Bron: Tradingeconomics)

  • Enquête: Goud of zilver?

    Goud en zilver worden vaak in één adem genoemd. Toch zijn de twee metalen duidelijk verschillend. Zilver krijgt steeds meer industriële toepassingen en is zich meer als een grondstof gaan gedragen, terwijl beide edelmetalen vroeger voornamelijk gebruikt werden als versiering en als betaalmiddel. Centrale banken kopen vandaag de dag alleen maar goud, geen zilver. Toch kan zilver een zeer interessante belegging zijn, want het edelmetaal is op dit moment in historisch perspectief juist zeer goedkoop ten opzichte van goud. Hoe denken jullie over deze edelmetalen? We hebben via twitter een aantal vragen voorgelegd aan onze volgers…

  • Negatieve rente: $7,8 biljoen aan niet-renderende staatsobligaties

    De hoeveelheid staatsobligaties met een negatieve rente blijft alsmaar verder toenemen. De volgende grafiek van Bloomberg laat zien dat $7,8 biljoen aan staatsschuld van ontwikkelde landen een negatief rendement heeft. Daarnaast is er nog $8 biljoen aan obligaties die minder dan een procent rente opleveren. Staatsobligaties die meer dan 2% rendement opleveren worden schaars, want daar is maar een kleine $3 biljoen van in omloop.

    De negatieve rente is niet uitsluitend het gevolg van het monetaire beleid van centrale banken, zoals Draghi afgelopen donderdag tijdens de persconferentie van de ECB terecht opmerkte. Ook is het tekenend voor het gebrek aan vertrouwen in de economie. Beleggers zien weinig productieve investeringen en durven geen grote bedragen meer aan banken toe te vertrouwen. Het gevolg is dat iedereen vlucht in de relatieve veiligheid van staatsschuld en daarbij genoegen neemt met een negatief rendement.

    obligaties-negatieve-rente-bbg

    Negatieve rente op $7,8 biljoen aan staatsobligaties (Bron: Bloomberg, via @Schuldensuehner)

    Olie op het vuur

    Centrale banken gooien nog meer olie op het vuur door zelf ook staatsobligaties en andere financiële activa op te kopen. Dat versterkt immers het tekort aan veilig onderpand (staatsobligaties) en drijft de obligatiekoersen nog verder op. Het gevolg is een steeds lager en zelfs negatief rendement. U als spaarder betaalt daar de rekening voor, want als pensioenfondsen en verzekeraars geen rendement meer kunnen maken op hun beleggingen zullen zij hun premies moeten verhogen. Ook levert uw spaargeld bijna niets meer op, nu banken een boeterente moeten betalen om geld te stallen bij de centrale bank. Bij een negatieve rente op staatsobligaties is het nog maar een kleine stap om in fysiek goud te beleggen. Ook edelmetaal levert geen rendement op, maar het is wel een vorm van vermogen zonder tegenpartij risico en zonder valutarisico. Daalt de waarde van de euro, dan daalt ook de waarde van obligaties die in euro genoteerd staan. Juist in dat scenario blinkt goud uit, omdat het op de lange termijn compenseert voor de waardedaling van de valuta.

    global-bond-yield

    Gemiddelde rendement op staatsobligaties wereldwijd naar dieptepunt van 1,3% (Bron: Bloomberg)

  • Rosneft mogelijk deels in Chinese handen?

    Het Chinese staatsbedrijf China National Petroleum Corporation (CNPC) krijg mogelijk een belang in de Russische olieproducent Rosneft. De regering van Poetin wil meer staatsbedrijven privatiseren, waaronder de grootste olieproducent van het land. Op dit moment heeft de staat een belang van 69,5% in Rosneft, maar dat wil men terugbrengen naar 50%. Dat betekent dat bijna een vijfde deel van het bedrijf in de verkoop gaat.

    China wil belang in Rosneft

    Als gevolg van de Westerse sancties zoekt Rusland steeds meer toenadering tot China. De Chinese economie heeft veel energie en grondstoffen nodig en dat is precies wat Rusland kan exporteren. Eerder dit jaar verstrekte de Bank of China nog een lening van €2 miljard aan het Russische Gazprom voor de aanleg van een gasleiding, waarmee Rusland de komende decennia aardgas aan China kan leveren. In 2014 sloten deze twee opkomende grootmachten een miljardendeal voor de levering van energie.

    putin-rosneft

    Oliegigant Rosneft komt deels in Chinese handen?

  • Breed Welvaartsbegrip: “Economie is meer dan het bbp”

    Deze week heeft de Tweede Kamer Commissie Breed Welvaartsbegrip haar rapport gepresenteerd. Ik ben nauw betrokken bij dit onderwerp, zie mijn vorige columns. Ik heb veel waardering voor dit rapport. Maar ook kritiek. Uit het rapport blijkt dat de Nederlandse politiek dit vraagstuk van de meting van welvaart eindelijk serieus wil gaan nemen. Het rapport is van goede kwaliteit. Er worden ook aanbevelingen gedaan voor de toekomstige beleidsvorming. Van groot belang is dat het rapport benadrukt dat de indicator bbp een eenzijdig beeld geeft van de welvaart. Zij bepleit dan ook om sociale en ecologische factoren een minstens evenredige plek te geven in het politieke debat.

    tijdelijek_commissie_breed_welvaartsbegrip_Terecht moet het er volgens de commissie om gaan dat steeds verder gekeken wordt dan het hier en nu van Nederland. Er moet wereldwijd gekeken worden, en ook in de toekomst, eveneens een benadering die ik steeds gewild heb. Het rapport bepleit dat niet meer naar één indicator gekeken gaat worden maar naar een (beperkte) hoeveelheid indicatoren, in de vorm van een checklist. Over welke indicatoren in die checklist moeten worden opgenomen doet de commissie geen uitspraken, jammer.

    Het rapport bevat het voorstel om ieder jaar een verantwoordingsdebat te voeren over de ontwikkeling van de welvaart in deze brede zin. Zo’n debat zou men kunnen vergelijken met het verantwoordingsdebat dat regering en Kamer nu al kennen. Ik ben voorstander van zo’n debat. Het gevaar is wel dat het een verplicht nummer wordt vergelijkbaar met het beleidsdebat dat nu al jaarlijks gevoerd wordt. Voor een degelijke uitholling van een belangrijk principe moet dan ook gewaakt worden.

    Positief is ook de serieuze behandeling van de verschillende ecologische voetafdrukken. Dat is echt een winstpunt, in het recente verleden nog werd daar beleidsmatig nauwelijks naar gekeken.

    Uitgangspunt blijft toch het bbp?

    Met één onderwerp van het rapport heb ik grote moeite. Dat is het gebruik van de indicator bbp. Het rapport bevat op verschillende plaatsen kritische kanttekeningen bij de tekortkomingen van deze indicator. Evenwel trekt zij deze kritiek nauwelijks door naar haar conclusies. Dat betekent dat deze indicator de centrale factor blijft in belangrijke beleidsdocumenten als de jaarlijkse Macro Economische Verkenning, in tegenstelling tot ecologische en sociale factoren als de voetafdruk, de ecologische schuld, de omgekeerde ontwikkelingshulp (zeer actueel gezien de Panama Papers) en de ongelijkheid. De commissie verklaart het bbp tot een robuuste indicator. Welnu, als iets niet waar is, is het dit. Wereldwijd wordt al sinds jaar en dag en in brede kring gewezen op de fundamentele gebreken van deze indicator. Die afwijzing heeft niet alleen te maken met haar statistische tekortkomingen. Zij heeft ook als grote makke dat veel beleid gericht is op de bevordering van economische groei als uitgedrukt in het bbp. En dat dan met ernstige gevolgen voor mens en milieu zoals wij die nu haast dagelijks ervaren. In het rapport wordt een breed beeld geschetst van de discussie over dit onderwerp. Spijtig is dat daarbij geen enkele verwijzing is naar de vele inspanningen die sociale bewegingen en de civil society in het algemeen hebben verricht. Zonder al die inspanningen was deze commissie en dus ook dit rapport er nooit geweest. Zit hier een bepaalde politieke keuze achter? Kortom, de Nederlandse politiek kan gefeliciteerd worden met dit rapport, zij het dat er nog belangrijke hobbels moeten worden genomen willen mensen en milieu er echt iets aan hebben. Lou Keune Voor meer teksten van Lou Keune, zie www.loukeune.nl of www.platformdse.org

  • Zijn centrale banken beleggingsfondsen geworden?

    Centrale banken voegen steeds vaker aandelen aan hun reserves toe, een ontwikkeling waar de financiële markten met enige argwaan naar kijken. Ze doen dat vanuit het oogpunt van risicospreiding, omdat staatsobligaties vrijwel geen rendement meer opleveren. Toch is het bijzonder dat een centrale banken, die verantwoordelijk zijn voor het monetaire beleid, zich steeds meer als een beleggingsfonds zijn gaan gedragen.

    De afgelopen jaren hebben onder andere de centrale banken van Zwitserland en Israel aandelen gekocht. Ook in Azië zou dat vaker voorkomen, al geven centrale banken daar minder openheid over dit soort posities. Zwitserland heeft al 12% van haar reserves in aandelen, bij de centrale bank van Tsjechië en Israel is dat respectievelijk 10% en 3% van de totale reserves. Dat is nog steeds maar een fractie van het totaal, maar bij centrale banken gaat het al snel om grote bedragen.

    Uit een recent onderzoek is gebleken dat 23% van de 60 ondervraagde centrale banken al aandelen op de balans heeft staan of overweegt deze aan de balans toe te voegen. Volgens vermogensbeheerder Massimiliano Castelli van UBS zijn centrale banken in het verleden altijd terughoudend geweest met het kopen van aandelen, omdat hun reputatie erg belangrijk is. Als centrale banken in aandelen stappen doen ze dat ook vaak via een indexfonds of ETF.

  • Grafiek: Oliestaten halen goud weg uit Zwitserland

    De olieproducerende landen in het Midden-Oosten hebben de laatste maanden veel meer goud uit Zwitserland gehaald dan normaal, zo blijkt uit cijfers van de Zwitserse douane. Dat is een opvallende ontwikkeling, want door de lage olieprijs hebben deze landen de afgelopen jaren juist hun reserves van oliedollars moeten aanspreken. Ondanks dat haalden de oliestaten in februari ongeveer 30 ton en in maart zelfs 50 ton goud op uit Zwitserland.

    Vertrouwen de olieproducerende landen de dollar niet meer en willen ze daarom wat meer goud in bezit hebben? Of is dit het resultaat van de verslechterde verhoudingen tussen de Verenigde Staten en Saoedi-Arabië? Of worden landen met grote dollarreserves nerveus nu ze zien dat Iran olie in euro’s begint te verhandelen? We kunnen hier alleen maar over speculeren, maar het is op zichzelf een zeer significant gegeven dat ook de olieproducenten in het Midden-Oosten opeens meer fysiek goud kopen!

  • BNP: “Centrale banken hebben kruit verschoten, goud naar $1.400”

    Volgens BNP Paribas kan de prijs van goud de komende twaalf maanden naar $1.400 per troy ounce stijgen, omdat beleggers in toenemende mate twijfelen aan de effectiviteit van het monetaire beleid van centrale banken en daarom hun toevlucht zullen zoeken in goud. De Franse bank verwacht dat de goudprijs de komende twaalf maanden binnen een bandbreedte van $1.150 tot $1.400 zal bewegen.

    “Beleggers maken zich duidelijk meer zorgen over de effectiviteit en de potentiële onbedoelde gevolgen van het beleid van centrale banken. We verwachten dat deze zorgen de komende kwartalen een belangrijke onderdeel zullen blijven van het beleggingslandschap. We hebben goud al enige tijd aangeraden als hedge in de portefeuille. We denken dat het een zinvolle hedge is, vooral in de wereld van negatieve rente waar we nu in zitten”, zo vertelde Prashant Bhayani van de afdeling vermogensbeheer van BNP Paribas tijdens een presentatie in Singapore. “Goud lijkt haar status van veilige haven weer terug te hebben.”

    Goud terug in stijgende trend

    BNP Paribas is niet de eerste bank die verwacht dat de goudprijs weer gaat stijgen. Eerder dit jaar verhoogde ook analiste Georgette Boele van de ABN Amro haar koersdoel voor goud naar $1.300 per troy ounce, omdat ze verwacht dat centrale banken langer vast zullen houden aan een zeer ruim monetair beleid. Op het moment van schrijven kost een troy ounce goud $1.269, een stijging van 18% ten opzichte van begin dit jaar. bnp-paribasSinds het begin van dit jaar hebben verschillende centrale banken stappen gezet richting een ruimer monetair beleid. De ECB verlaagde eerder dit jaar de depositorente en breidde haar opkoopprogramma uit van €60 naar €80 miljard per maand, de Bank of Japan introduceerde een negatieve rente en de Zweedse centrale bank maakte deze week bekend meer staatsobligaties op te zullen kopen. Ook temperde de Federal Reserve de verwachtingen ten aanzien van een renteverhoging in de VS. Ondertussen zien we niet alleen beleggers goud kopen, maar ook centrale banken. Zij kochten vorig jaar 483 ton goud, de op één na grootste stijging van de publieke goudvoorraden sinds het loslaten van de goudstandaard. Centrale banken hebben geleidelijk meer goud gekocht. Als het edelmetaal in prijs blijft stijgen is het een alternatieve valuta voor centrale banken. Ook dat stuwt de vraag naar het edelmetaal.

  • Rusland voegt 15,5 ton goud aan reserves toe

    Rusland heeft in maart een half miljoen troy ounce goud aan haar reserves toegevoegd, zo blijkt uit de nieuwste cijfers van de centrale bank. De totale waarde van de goudvoorraad steeg naar de afgelopen maand naar $58,14 miljard, wat betekent dat de centrale bank nog steeds 15% van haar totale reserves in edelmetaal aanhoudt.

    Gold-russiaRekenen we dit bedrag om naar de goudkoers van eind maart, dan komen we uit op een totale goudvoorraad van 1.458 metrische ton. Dat is een stijging van 500.000 troy ounce – omgerekend 15,55 ton – ten opzichte van de maand februari. De centrale bank blijft edelmetaal aan haar reserves toevoegen om minder afhankelijk te zijn van de dollar. De valutareserve steeg in maart met ongeveer $6,5 miljard.

    Rusland waardeert haar goudreserves nog in Amerikaanse dollars, maar doet dat iedere maand tegen de actuele prijs van goud. Zo kunnen we een redelijk nauwkeurige inschatting maken van de hoeveelheid edelmetaal in de kluis van de centrale bank. In maart voegde het land 15,5 ton goud aan de reserve toe. Veel van het goud is afkomstig van Russische goudmijnen, die het goud verkopen aan de grote banken van Rusland. Die verkopen het weer door aan de centrale bank of aan het buitenland.

    Centrale banken kopen goud

    Sinds 2006 heeft Rusland meer dan 1.000 ton goud aan haar reserves toegevoegd en steeg de waarde van het edelmetaal ten opzichte van de totale reserves van 3% naar 15%. Van alle centrale banken in de wereld kocht die van Rusland vorig jaar misschien wel het meeste goud, namelijk 206 ton. China kocht met honderd ton in de tweede helft van 2015 een vergelijkbare hoeveelheid. Wereldwijd voegden centrale banken vorig jaar 483 ton goud aan hun reserves toe. Dat was de op een na grootste toename in een jaar sinds het loslaten van de goudstandaard in 1944. Centrale banken hebben minder vertrouwen in de dollar en willen daarom iets achter de hand hebben dat onder alle omstandigheden te gebruiken is en dat volledig vrij is van politiek risico.

    rusland-goudreserve-goudwaarde-maart2016

    Rusland blijft goud aan reserves toevoegen

    hollandgold-logo

    Deze bijdrage is afkomstig van Hollandgold