Blog

  • GFMS: Record aan zilveren munten verkocht in 2015

    De vraag naar zilver is in 2015 naar een recordniveau gestegen, met name dankzij een sterk toegenomen vraag naar zilveren munten. Ook neemt de vraag naar zilveren sieraden nog ieder jaar toe. En terwijl de vraag stijgt blijft het aanbod van sloopzilver achter, met als resultaat dat 2015 het derde jaar op rij was met een tekort op de zilvermarkt. Dat zijn de belangrijkste bevindingen uit het Silver Survey 2016 dat donderdag werd vrijgegeven door Thomson Reuters GFMS.

    Record aan zilveren munten

    In 2015 zakte de zilverprijs nog naar het laagste niveau in vijf jaar tijd, maar dat heeft geen negatieve impact gehad op de vraag naar zilveren beleggingsmunten. Integendeel, de cijfers van Thomson Reuters GFMS laten zien dat het een recordjaar was voor de grote munthuizen van deze wereld. Er zijn de afgelopen jaren nog nooit zoveel zilveren munten en zilverbaren verkocht als in 2015, zoals ook onderstaande grafieken laten zien.

    Deze trend zagen we ook terug bij Hollandgold, want de zilveren munten waren een lange tijd niet aan te slepen. Toen de zilverprijs in de zomer naar een nieuw dieptepunt zakte waren de munten niet aan te slepen en ontstonden er lange levertijden bij de munthuizen. Maar ook elders in de wereld ontstond een stormloop op fysiek zilver als gevolg van de prijsdaling.

    vraag-aanbod-zilver-gfms

    Wereldwijde vraag naar zilver sinds 2005

    Meer zilver voor zonnepanelen

    Een andere opvallende trend is de toenemende vraag naar zilver voor de productie van zonnepanelen. In 2014 werd er 63,2 miljoen troy ounce zilver gebruikt voor deze panelen, in 2015 was dat met 23% gestegen tot 77,6 miljoen troy ounce. Door een relatief zwakke groei van de wereldeconomie daalde de vraag naar zilver voor elektronische apparaten in 2015 naar 246,7 miljoen troy ounce, een daling van 10%.

    Meer beleggingen in zilver

    De cijfers uit het nieuwste Silver Survey 2016 laten zien dat beleggen in zilver aan populariteit wint. Ondanks de verdere daling van de zilverprijs in 2015 steeg de totale investeringsvraag met 16% naar een recordniveau. De vraag naar fysieke munten en baren nam met 24% toen, terwijl de hoeveelheid zilver in beleggingsproducten als ETF’s juist met 17,7 miljoen troy ounce daalde naar 617,8 miljoen troy ounce. De voorkeur van beleggers verschuift dus richting het fysiek bezit van edelmetaal.

    gfms-zilveren-munten-2015

    Vraag naar zilveren munten en baren blijft stijgen (Bron: Thomson Reuters GFMS)

    gfms-investment-demand

    Beleggers geven de voorkeur aan munten en baren boven ETF’s (Bron: Thomson Reuters GFMS)

    Meer mijnproductie, minder sloopzilver

    De productie van zilvermijnen steeg in 2015 ook naar een recordniveau, omdat de zilverprijs hoger was dan de gemiddelde kostprijs. De prijsdaling drukte vorig jaar het aanbod van sloopzilver met 13% omlaag tot het laagste niveau sinds 1992. Deze ontwikkeling zette de zilvermarkt in 2015 verder onder druk. Opvallend is dat overheden ook gestopt zijn met de verkoop van hun zilvervoorraden. De laatste tien jaar heeft Rusland tientallen miljoenen ounces zilver op de markt gebracht.

    gfms-zilvermijnproductie-2015

    Productie zilvermijnen blijft stijgen (Bron: Thomson Reuters GFMS)

    gfms-productiekosten-zilver

    Productiekosten zilvermijnen (Bron: Thomson Reuters GFMS)

    gfms-sloopzilver

    Aanbod sloopzilver naar laagste niveau sinds 1992 (Bron: Thomson Reuters GFMS)

    gfms-producenten-zilveren-munten

    Volledige cijfers van het Silver Survey 2016 (Bron: Thomson Reuters GFMS)

    hollandgold-logo

    Deze bijdrage is afkomstig van Hollandgold

  • Grafiek: Wereldwijde duikeling van de rente

    De gemiddelde rente wereldwijd is sinds het uitbreken van de financiële crisis in 2008 bij onafgebroken gedaald. Lag het wereldwijde gemiddelde vlak voor het uitbreken van de crisis nog op ongeveer 4,5%, nu mag je als belegger blij zijn als je meer dan 1,28% rendement haalt uit staatsobligaties.

    Volgens berekeningen van Bank of America is dat namelijk de gemiddelde wereldwijde rente die je vandaag de dag krijgt op staatsobligaties. Een gemiddelde dat de laatste jaren natuurlijk sterk omlaag is gehaald door nieuwe stimuleringsprogramma’s in Europa en Japan. Daar geldt nu al een negatieve rente voor een groot gedeelte van het schuldpapier.

    De tweede grafiek via Business Insider laat zien hoeveel procent van de staatsobligaties wereldwijd al een negatief rendement haalt. Dat is nu al 23%, terwijl het begin dit jaar nog maar 13% was…

    zero-yield-global

    Wereldwijd zakt de rente naar een dieptepunt (Bron: Bloomberg)

    negatieve-rate-bonds-worldwide

    Gedeelte van alle staatsobligaties met een negatieve rente (Via Business Insider)

  • Miljardair Druckenmiller gaat voor goud

    Volgens miljardair en vermogensbeheerder Stan Druckenmiller is de bull market in aandelen uitgeput geraakt en is het nu tijd om goud te kopen. Hij ziet het edelmetaal als een vorm van geld en verklaarde tegenover Bloomberg dat zijn positie in goud op dit moment groter is dan zijn positie in andere valuta.

    Druckenmiller is zeer kritisch over het monetaire beleid van de Federal Reserve van de afgelopen drie jaar en verwacht dat de aandelenmarkt vroeg of laat een flinke correctie zal laten zien. Door het monetaire beleid van extreem lage rente en goedkoop geld zijn de aandelenkoersen sterk gestegen, maar er zijn maar weinig productieve investeringen gedaan. Druckenmiller licht toe:

    “Volgens onze meest objectieve maatstaven zitten we diep in de langste periode van monetaire verruiming ooit. En ondanks het feit dat de Federal Reserve er eindelijk mee gestopt is blijft de centrale bank tot op de dag van vandaag een zeer soepel beleid voeren. We lenen meer dan ooit van de toekomst.”

    Goud kopen vanwege negatieve rente

    Ook voor Druckenmiller is negatieve rente een belangrijke drijfveer geweest om goud te kopen. De vermogensbeheerder noemt het een absurd beleid, dat meer nadelen dan voordelen met zich meebrengt. Hij ziet steeds meer signalen dat er een grote ommekeer van de trend aanstaande is, die gepaard zal gaan met dalende aandelenkoersen en een stijging van de goudprijs.

    “De volatiliteit van de wereldwijde aandelenmarkten suggereert dat de verhouding tussen risico en rendement op dit moment negatief is, zonder substantieel lagere aandelenkoersen of structurele hervormingen in de economie. En op dat laatste zou ik niet wachten.”

    Druckenmiller werkt voor Duquesne Capital Management en behaalde tussen 1986 en 2010 een jaarlijks rendement van gemiddeld dertig procent. Daarmee is hij één van de meest succesvolle vermogensbeheerders. Hij zou dit jaar al op een rendement van 8% staan, mede dankzij zijn positie in goud. De prijs van het gele metaal staat op het moment van schrijven op bijna $1.280 per troy ounce, een stijging van 20% sinds het begin van dit jaar.

    gs-logo-breed

    Deze bijdrage wordt mogelijk gemaakt door Goudstandaard, uw partner voor de aankoop en opslag van fysiek edelmetaal

  • Bill Gross: “Het is tijd voor helikoptergeld”

    Volgens vermogensbeheerder Bill Gross  is het tijd voor ‘helikoptergeld’. In zijn Investment Outlook voor mei schrijft hij dat het tijd is voor een nieuwe vorm van fiscale stimulering. Stimulering die niet gefinancierd wordt door belastingen te verhogen of meer geld te lenen, maar door simpelweg meer geld te drukken.

    Bill Gross stelt dat centrale banken zich de afgelopen zes jaar ook al bezig hielden met monetaire financiering, omdat ze helemaal niet van plan zijn de stimuleringsprogramma’s ooit weer terug te draaien en hun obligaties van de balans te halen. In plaats daarvan zullen ze alleen maar meer schulden opkopen, waarna de looptijd van de schuld verder opgerekt kan worden bij nul procent rente. Dat is ook een vorm van schuldfinanciering, waarbij monetair en fiscaal beleid samenkomen.

    In zijn Investment Outlook zegt Gross daar het volgende over:

    "Het geld kan gewoon door centrale banken bijgedrukt worden zoals we dat de afgelopen jaren ook gedaan hebben. Het is een moeilijk concept om te begrijpen en daarom zullen politici dit nooit bespreken - evenmin de centrale bankiers, die hun balans schoon willen houden en onafhankelijk willen blijven. Maar die onafhankelijkheid tussen centrale banken en overheden is in een hoog tempo aan het eroderen. Uit noodzaak is er een nieuwe cultuur ontstaan. Geld in omloop brengen via quantitative easing (QE) is in feite een vermenging van fiscaal en monetair beleid, van de centrale bank en het ministerie van Financiën. De Federal Reserve, de ECB, de Bank of Japan en de Bank of England hebben de afgelopen zes jaar obligaties van de eigen overheid gekocht, zodat die meer geld konden uitgeven om de kwakkelende economie te stimuleren. Ze kopen staatsobligaties door in figuurlijke zin geld uit helikopters te strooien, waarmee ze hun balans verder uitbreiden. De rente die ze krijgen voor deze staatsobligaties sturen ze rechtstreeks terug naar het ministerie van Financiën. Het is dus in essentie gratis geld dat niet terugbetaald hoeft te worden zo lang dit proces ongestoord kan doorgaan. Centrale banken zullen beweren dat ze geen staatsschulden aan het financieren zijn, omdat ze de obligaties op een dag weer op de markt zullen brengen. Maar dat gaat niet gebeuren. De enige manier voor een land als Japan met bijvoorbeeld 350% schulden ten opzichte van het bbp is om de looptijd van de schuld alsmaar verder te verlengen bij 0% rente. En dat is eigenlijk wat ze nastreven. De private markt wereldwijd zal dit uiteindelijk doorzien en al haar Japanse staatsobligaties verkopen. Daardoor zakt de waarde van de yen en krijgt Japan haar magische 2% inflatie."

    "Helikoptergeld of langdurige recessie"

    Als centrale banken niet meer geld bijdrukken, dan zal de wereldeconomie volgens Gross in een langdurige recessie terechtkomen. Centrale banken zijn in staat meer geld bij te drukken en zij zullen dat volgens hem ook doen als dat nodig is.
    "Ik heb al vaker gezegd dat dit een piramidespel is, maar we naderen een 'point of nu return' met de negatieve rente en het opkopen van bedrijfsobligaties en aandelen. Ik verwacht dat centrale banken meer geld zullen bijdrukken via QE (misschien ook de Verenigde Staten over een jaar) en dat zij met tegenzin zullen accepteren dat ze niet meer onafhankelijk zijn. Dat stelt overheden in staat te investeren in infrastructuur, gezondheidszorg en een basisinkomen"
    Bill Gross verwacht voor de toekomst meer monetaire stimulering door de Federal Reserve, een langdurig lage rente en kunstmatig hoge prijzen voor financiële activa. Op een bepaald moment zal de inflatie volgens Bill Gross terugkeren en nemen de risico's toe. Tot die tijd moet je als belegger tevreden zijn met een laag rendement van hooguit enkele procenten per jaar. Aanbevolen artikelen:

    bill-gross-pimco

    Bill Gross: "Het is tijd voor helikoptergeld"

  • Video: Poetin over dollar, olieprijs en sancties

    De Russische president Poetin legt in het volgende videofragment uit dat de daling van de olieprijs maar beperkt invloed heeft gehad op de begroting van het land. De verkoop van olie leverde weliswaar minder dollars op, maar voor elke dollar kregen de olieproducenten meer roebels terug. Daardoor was de winst onder aan de streep zelfs hoger, omdat de meeste kosten ook in roebels zijn. De gevolgen van een lagere olieprijs zijn minstens zo vervelend voor de Verenigde Staten, vanwege de relatief hoge kosten voor de productie van schalie-olie.

    Poetin uit ook zijn kritiek op de Westerse sancties. Deze zijn volgens hem niet alleen schadelijk voor de Russische economie, maar ook voor de bedrijven in andere landen die door de sancties niet meer naar Rusland mogen exporteren.


  • ‘Value8 sjoemelde met winstcijfers’

    Investeringsmaatschappij Value8 van Peter Paul de Vries heeft gesjoemeld met de winstcijfers en de zaken mooier voorgesteld dan ze werkelijk waren. Dat schrijft financieel analist Roel Gooskens op de site Follow the Money. Hij dook in de jaarcijfers van de afgelopen drie jaar en concludeerde dat de winst voor meer dan 100% bestaat uit het herwaarderen van de de deelnemingen die Value8 heeft in verschillende bedrijven. Volgens Gooskens is dat strijdig met boekhoudkundige regels, omdat het niet gaat om winsten die daadwerkelijk gerealiseerd zijn. Daarover schrijft Gooskens het volgende:

    Dat Value8 de reële waarde van zijn diverse beleggingen wil bepalen in het kader van de informatieverstrekking is te prijzen. Het gaat echter een enorme stap te ver om deze non-cash niet-gerealiseerde waardestijgingen van zeer illiquide beleggingen in de jaarrekening te verwerken als winst. In de meeste beursgenoteerde beleggingen van Value8 wordt amper of niet gehandeld. Deze micro-ondernemingen worden niet gevolgd door analisten van banken of brokers. Een grondige analyse van deze micro caps ontbreekt volledig. De reële waarde gebaseerd op beurskoersen is in dat geval een farce.

    ‘Value8 was eigenlijk verlieslatend’

    Gooskens concludeert uit de jaarverslagen dat Value8 zowel in 2013, 2014 als in 2015 een verlies had moeten rapporteren en dat er dus ten onrechte dividend werd uitgekeerd aan de aandeelhouders. Hij verbaast zich er dan ook over dat de handelswijze de goedkeuring kreeg van een accountantskantoor, de raad van commissarissen en de AFM. Hij vraagt zich dan ook af of de beurskoers van Value8 over de afgelopen jaren dezelfde ontwikkeling had gekend als de aandeelhouders hadden geweten dat de onderneming de afgelopen drie jaar eigenlijk een verlies leed.

    Peter Paul de Vries, topman van Value8, zegt tegenover BNR Nieuwsradio dat de beweringen van Gooskens duidelijk niet kloppen en dat niet zijn bedrijf, maar Gooskens de boekhoudkundige regels verkeerd begrepen heeft. Volgens de Vries doet de financieel analist voorkomen alsof Value8 een traditioneel private equity bedrijf is, terwijl hij zijn bedrijf zelf typeert als een holding die probeert bedrijven te bouwen en winstgevend te maken. Het aandeel Value8 stond woensdagmiddag 4,5% lager op iets meer dan €9.

    Value8 is eigenaar van Amsterdamgold en edelmetaal opslagbedrijf Amsterdamsafe en heeft deelnemingen in tal van bedrijven op het gebied van informatietechnologie en voeding. Ook heeft de holding een belang in outdoor ski faciliteit Snowworld.

  • China wil import goud eenvoudiger maken

    China wil de procedures om goud te importeren vereenvoudigen, zodat het makkelijker wordt om goud uit het buitenland te importeren. In China mogen alleen banken die een speciale licentie hebben goud importeren, waarbij ze voor iedere lading goud om toestemming moeten vragen. Dat laatste gaat veranderen, want met een nieuw type vergunning kunnen goudhandelaren die veel volume verhandelen voortaan maximaal twaalf zending tegelijk afhandelen.

    De nieuwe regels gelden vanaf 1 juni en hebben betrekking op de goudhandel in Beijing, Shanghai, Guangzhou, Qingdao, Nanjing en Shenzhen. In de praktijk betekent het dat de hoeveelheid papierwerk en administratie sterk verminderd kan worden, zo verklaarde Jiang Shu van Shandong Gold Financial Holdings Capital Management tegenover Bloomberg. In de toekomst wordt dat een stuk eenvoudiger, omdat importeurs dan meerdere importen van goud in één keer kunnen registreren.

    “In het verleden moesten importeurs bij de centrale bank om een importquotum vragen en vervolgens voor ieder pakket goud een rapport opmaken en dat registreren bij de centrale bank.”

    hollandgold-logo

    Lees verder bij Hollandgold

  • Wordt het 500 euro biljet afgeschaft? (update)

    De Europese Centrale Bank zou van plan zijn de productie van €500 bankbiljetten stop te zetten, zo schrijft de Wall Street Journal op basis van een anonieme bron die vertrouwd is met de materie. Het onderwerp zou volgens de krant vandaag ter sprake komen bij een vergadering van de Raad van Bestuur van de ECB in Frankfurt. Volgens de laatste geruchten blijft het biljet van 500 euro wettig betaalmiddel dat bij alle banken geaccepteerd zal worden, maar zal de productie van de paarse biljetten niet meer voortgezet worden. Ook zou de productie van het €200 biljet ter discussie staan.

    “Er is een meerderheid binnen de Raad van Bestuur van de ECB die het biljet van 500 euro willen afschaffen, wat betekent dat het niet opgenomen zal worden in de tweede generatie van euro bankbiljetten”, zo verklaarde een bron die werkzaam is bij een gelddrukkerij die de euro bankbiljetten produceert. Op termijn zou het bankbiljet van €500 alleen nog maar bij de bank ingewisseld kunnen worden, net zoals de oude bankbiljetten na de introductie van de euro in 2002.

    ECB nog onbeslist

    De meeste berichten over het afschaffen van het 500 euro bankbiljet komen uit de Angelsaksische media. Het is wachten op een reactie van de ECB, die vooralsnog geen kant gekozen heeft in deze kwestie. De laatste keer dat het schrappen van het 500 euro briefje op de agenda stond was in 2005, maar toen besloot de centrale bank vast te houden aan het paarse biljet. We kijken uit naar het rapport van de Europese Commissie, dat momenteel onderzoek doet naar de relatie tussen de grote bankbiljetten en criminele activiteit. In de zomer worden de uitkomsten van dit onderzoek verwacht.

    Uit een onderzoek van de Bundesbank en de ECB bleek eerder dit jaar al dat het miljoenen zou gaan kosten om het bankbiljet van €500 af te schaffen. Het biljet is goed voor 30% van de totale waarde van al het euro briefgeld in omloop. Zou je het biljet ongeldig verklaren, dan moeten er veel nieuwe bankbiljetten van €50 of €100 voor in de plaats komen.

    Update (19:27): Bloomberg bericht dat de productie van €500 biljetten eind 2018 gestopt zal worden

    Lees meer:

  • Jim Rickards: “Bull market in goud net begonnen”

    Volgens Jim Rickards is de bull market in goud nog maar net begonnen. In een gesprek met CNBC legt hij uit dat de goudprijs een sterke negatieve correlatie heeft met de waarde van de dollar en dat de waarde van die munt de komende tijd waarschijnlijk verder gaat zakken. Rickards verwijst naar het G20 topoverleg in Shanghai eind februari, waarin alle deelnemers verklaarden afstand te nemen van concurrerende devaluaties. Dat bleek ook het moment te zijn waarop de dollar begon te dalen ten opzichte van andere belangrijke handelsmunten zoals de euro, de Chinese yuan en de Japanse yen.

    “Alle vier economische machtsblokken willen een goedkopere munt, maar dat kan niet allemaal tegelijk. Daarom verlagen ze om de beurt de waarde van hun munt. De dollar stond het zwakste in augustus 2011, dat was ook het moment waarop de goudprijs naar een record van $1.920 per troy ounce steeg. Daarna zagen we een omgekeerde trend.

    Nu is de VS dicht bij een recessie en gaat het ook in China niet zo goed. Daarom moeten Japan en Europa wat pijn nemen en de waarde van hun munt laten stijgen. Enige tijd geleden heeft China haar munt gedevalueerd tegen haar belangrijkste handelspartners, namelijk Japan en Europa.”

  • Rogoff: “Opkomende markten moeten goud kopen”

    Rogoff: “Opkomende markten moeten goud kopen”

    Centrale banken van opkomende markten moeten meer goud kopen, dat schrijft econoom Kenneth Rogoff in een nieuw opiniestuk voor Project-Syndicate. Hij is ervan overtuigd dat het internationale financiële systeem beter zal functioneren als deze landen meer edelmetaal aan hun reserves toevoegen.

    Zijn column is er eentje om in te lijsten, dus we hebben deze geheel voor u vertaald…

    “Opkomende economieën zouden een aanzienlijk deel van de honderden miljarden aan valutareserves die ze nu hebben moeten omzetten in goud. Zelfs als ze maar 10% van hun reserves in goud stoppen komen ze nog niet in de buurt bij veel rijke Westerse landen, die 60 tot 70 procent van hun (weliswaar kleinere) reserves in goud bewaren.

    Een lange tijd waren de rijke landen van mening dat het in het belang van iedereen was om goud te demonetiseren. We hebben nog steeds grote goudreserves, maar dat is een overblijfsel uit de goudstandaard van voor de Tweede Wereldoorlog, toen centrale banken nog een grote goudreserve nodig hadden.

    In 1999 zagen Europese centrale banken geen reden om zoveel goud aan te houden en sloten zij een overeenkomst om hun voorraad op een ordelijke wijze af te bouwen. De verkoop van goud was toen nog te verantwoorden voor de meeste deelnemende landen, want de werkelijke dekking voor hun schulden was dat ze op dat moment de ruimte hadden om de belastingen te verhogen en dat er sprake was van een politieke stabiliteit. Het 1999 pact werd periodiek herzien, maar sinds de laatste herziening in 2014 hebben de meeste rijke landen een lange pauze ingelast. Velen hebben nog steeds een extreem grote goudreserve.

    Opkomende markten bleven goud kopen, maar in een slakkengang in vergelijking met hun vraatzuchte honger voor Amerikaanse staatsobligaties en obligaties van andere rijke landen. In maart 2016 had China slechts 2% van haar reserves in goud, zat India op een aandeel van 5% en was Rusland de enige grote opkomende economie die haar goudreserve significant wist uit te breiden tot bijna 15% van de reserves.

    Opkomende markten houden reserves aan omdat ze niet de luxe hebben om zich uit een financiële crisis of een obligatiecrisis te inflateren. Simpel gezegd, zij leven in een wereld waarin een groot gedeelte van de internationale schulden – en een nog groter aandeel van de wereldhandel – wordt uitgedrukt in een harde munt. Daarom houden ze reserves van deze valuta aan als bescherming tegen fiscale en financiële rampspoed. Het zou in principe beter zijn als deze opkomende economieën op een of andere manier hun reserves konden samenvoegen, mogelijk via een faciliteit van het IMF, maar het vertrouwen om een dergelijk systeem te laten werken is er simpelweg nog niet.

    Waarom zou het systeem beter werken met een groter aandeel van de goudreserves? Het probleem met de huidige situatie is dat de opkomende markten als groep concurreren voor staatsobligaties van de rijke landen, waarmee ze de rente die ze over deze obligaties ontvangen verder omlaag drukken. Met een rente die vast zit op bijna nul procent kunnen de prijzen van deze obligaties niet veel verder meer dalen dan nu het geval is, terwijl het aanbod van staatsobligaties van de ontwikkelde landen beperkt wordt door hun capaciteit om belastingen te innen.

    Goud – dat weliswaar beperkt is aanbod – heeft dit probleem niet, omdat er geen limiet is op de goudprijs. Daar komt bij dat het goed te onderbouwen is dat goud een reserve is met een extreem laag risico en een rendement dat vergelijkbaar is met kortlopende staatsobligaties. en omdat goud een zeer liquide bezit is – een essentiële eigenschap voor een reserve – kunnen centrale banken zich permitteren verder te kijken dan de volatiliteit van de goudprijs op de korte termijn en zich richten op de rendementen op de langere termijn.

    Het is waar dat goud geen rente oplevert en dat er kosten gemoeid zijn met de opslag van goud. Maar deze kosten kunnen relatief efficiënt beperkt worden, door het goud indien nodig in het buitenland op te slaan (veel centrale banken hebben goud bij de Federal Reserve in New York liggen). Ook kan de goudprijs over de langere termijn stijgen. Om deze reden kan het systeem als geheel nooit een tekort aan monetair goud hebben.

    Ik wil niet de indruk wekken dat opkomende markten met een verschuiving van de reserves richting goud op een of andere manier de ontwikkelde economieën benadelen. Immers, de huidige situatie is dat de ontwikkelde landen nog steeds aanzienlijk meer goud hebben dan de opkomende markten. Wanneer zij systematisch hun reserves richting goud verschuiven zullen zij de prijs van goud doen stijgen. Maar dat is geen systematisch probleem, omdat een stijging van de goudprijs de kloof kan dichten tussen vraag en aanbod van veilige havens die ontstaan is doordat de rente naar een bodemniveau verlaagd is.

    Er is nooit een goede reden geweest voor opkomende markten om goud volledig te demonetiseren. En die reden is er ook nu niet.”

    Over Kenneth Rogoff

    Kenneth Rogoff is hoogleraar economie aan de universiteit van Harvard. Van 2001 tot en met 2003 was hij ook hoofdeconoom van het IMF en in 2011 won hij de Deutsche Bank prijs voor Financiële Economie. Hij publiceerde samen met Carmen M. Reinhart de bestseller ‘This Time is Different: Eight Centuries of Financial Folly‘.

  • De geschiedenis van negatieve rente

    Voor het eerst in de geschiedenis hanteren verschillende centrale banken een negatieve rente, een beleidsinstrument dat voor het uitbreken van de financiële crisis nog zo goed als ondenkbaar was. Het doel van dit beleid is het aanjagen van de inflatie, omdat het bij een negatieve rente aantrekkelijker is geld te lenen en te consumeren dan om het op een spaarrekening te zetten. Maar er kleven ook risico’s aan een negatieve rente, denk aan spaarders die hun geld van de bank halen en pensioenfondsen en verzekeraars die hun premies moeten verhogen omdat ze minder rendement maken op hun vermogen. Een ander risico is dat consumenten en bedrijven door de negatieve rente geld lenen voor zaken die helemaal niet rendabel zijn.

    Het is voor het eerst in de monetaire geschiedenis dat er op wereldwijde schaal geëxperimenteerd wordt met een negatieve rente, maar het concept bestaat al veel langer. Marketupdate ging op onderzoek uit en ontdekte dat het eerste academische debat over dit onderwerp teruggaat tot het einde van de 19e eeuw…

    Silvio Gesell

    Het concept van negatieve rente is volgens economen te herleiden tot de Duitse handelaar en financieel theoreticus Silvio Gesell, die na het uitbreken van een grote economische crisis in Argentinië besloot onderzoek te doen naar de geldcirculatie in de economie. Dat bracht hem op een idee dat in wezen vergelijkbaar is met dat van negatieve rente, namelijk het belasten van spaartegoeden om de omloopsnelheid van het geld en de vraag naar goederen te stimuleren. Silvio_GesellGesell dacht de oplossing gevonden te hebben voor een hardnekkig probleem dat zich keer op keer aandiende in een economische crisis, namelijk de zichzelf versterkende spiraal van dalende consumentenbestedingen en dalende prijzen. Om deze negatieve spiraal te doorbreken moest er een manier gevonden worden om te voorkomen dat mensen hun geld oppotten en bestedingen gaat uitstellen. In zijn eerste wetenschappelijke publicatie uit 1891 beschreef hij voor het eerst het concept van negatieve rente, waarbij alle bankbiljetten periodiek een nieuw stempel nodig hebben om wettig betaalmiddel te blijven. Voor het stempelen van de bankbiljetten zou dan een prijs betaald moeten worden, die een fractie is van de waarde van de bankbiljetten. Met deze stempelmethode kan er op jaarbasis bijvoorbeeld een negatieve rente van 5% in rekening worden gebracht.

    Omloopsnelheid

    Het uitgangspunt van Gesell is dat goederen na verloop van tijd in waarde dalen, terwijl het geld een constante waarde heeft. Dit schreef hij in een tijdperk waarin het geld in veel landen nog gekoppeld was aan goud en de prijzen over de lange termijn zeer stabiel bleven. Maar in een crisis stonden de prijzen langdurig onder druk, met als gevolg dat het voor spaarders nog aantrekkelijker wordt om geld op te potten. Een belasting op geld - zoals stempels op bankbiljetten - zou deze negatieve spiraal kunnen doorbreken, omdat sparen dan niet meer zo aantrekkelijk is. Het geld komt sneller in omloop en daarmee kan een economie, volgens de theorie van Gesell, sneller uit een crisis komen. Het idee om bankbiljetten af te stempelen is - waarschijnlijk om praktische redenen - nooit op grote schaal toegepast. In de gevallen waar het wel werd toegepast was de implementatie niet ideaal, waardoor het concept nooit echt goed getest kon worden. De Amerikaanse staat Oregon hield in de jaren dertig een experiment met geld dat afgestempeld moest worden. Maar omdat het stempeltje niet periodiek, maar per transactie, werd gegeven werkte dit geldsysteem niet. Het geld werd opnieuw opgepot en kwam zelden in omloop. Het afstempelen van bankbiljetten werd nooit een groot succes, maar het concept van een belasting op geld werd later met veel interesse besproken door onder andere economen als Irving Fisher en John Maynard Keynes. Zij zagen negatieve rente op spaargeld als een aanvullend instrument voor het voeren van monetair beleid. Ook Kenneth Rogoff en Willem Buiter hebben de afgelopen jaren veel geschreven over dit thema.

    freigeld

    Bankbiljetten die periodiek afgestempeld moest worden waren de eerste vorm van negatieve rente

    Negatieve rente en contant geld

    Het stempelen van bankbiljetten werd geen succes, maar het concept van negatieve rente wordt door steeds meer centrale banken omarmd als manier om de inflatie en de omloopsnelheid van geld te verhogen. Zes centrale banken hanteren al een negatieve rente en het is slechts een kwestie van tijd voordat banken deze gaan doorberekenen aan de spaarders. Maar er zijn beperkingen aan de mate waarin dit beleidsinstrument toegepast kan worden. Wordt de negatieve rente te hoog, dan zullen spaarders proberen deze te ontwijken door hun vermogen in de vorm van contant geld aan te houden. Dat is ook de reden waarom sommige economen pleiten voor het afschaffen van grote bankbiljetten of zelfs voor het verbieden van cash geld. Dat laatste is het meest effectief, maar ook het meest omstreden. Niet alleen uit het oogpunt van privacy, maar ook vanuit het oogpunt van veiligheid en risicospreiding. Als het girale betalingsverkeer om wat voor reden dan ook vastloopt, dan is er altijd nog contant geld om op terug te vallen. Zou je contant geld verbieden, dan maak je de economie extra kwetsbaar voor storingen in het elektronische betalingsverkeer. Het thema van negatieve rente zal ons de komende jaren nog veel bezighouden, want het ziet er niet naar uit dat centrale banken als de ECB en de Bank of Japan spoedig zullen afwijken van hun beleid van extreem lage en negatieve rentes. Lees meer: