Het Financieele Dagblad berichtte vanochtend dat De Nederlandsche Bank (DNB) het pensioenfonds voor glasfabrieken wil dwingen om 1400 kg goud te verkopen. Het pensioenfonds voor de glasfabrieken (SPVG) heeft momenteel 13% van haar totale beleggingen in goud belegd. DNB eist dat het pensioenfonds dit belang naar 3% van de totale beleggingen verlaagt.

DNB is van mening dat de hoge concentratie van goud in de beleggingsportefeuille niet voldoet aan de voorzichtigheid die bij een pensioenfonds geboden is. DNB is van mening dat de hoge concentratie goud in de beleggingen het fonds afhankelijk maakt van de prijsontwikkeling van één grondstof en voegt hier aan toe dat goud onderhevig is aan grote prijsvolatiliteit. Het pensioenfonds verdedigde zich door te stellen dat goud niet als grondstof maar als ruilmiddel gezien moet worden.

Pensioenfonds moet goud verkopen

DNB legde het fonds een ‘aanwijzing’ op dat in het kort inhoudt dat het fonds op korte termijn op aangewezen punten een gedragslijn moet volgen. Het pensioenfonds ging hier tegen in beroep maar dit werd woensdag door de rechter opgeschort, zodat het goud nu binnen twee maanden verkocht moet worden. Bestuurder Rob Daamen overweegt een bodemprocedure te starten ‘maar die kan niet verhinderen dat we ons belang naar 3% moeten terugbrengen’. Volgens Damen kan er per direct verkocht worden, zonder enige vorm van koersdruk.

Duidelijk is dat zowel DNB als de rechter in kwestie goud niet zien als meer dan zo maar een grondstof. Met verbazing nemen wij kennis van de aanwijzing van DNB en de uitspraak van de voorzieningenrechter. Wij zijn van mening dat het pensioenfonds SPVG gelijk heeft dat het goud als een ruilmiddel bestempelt.