Met het besluit van de Europese Centrale Bank (ECB) om de rente van met Zuid-Europese overheden omlaag te krijgen via de aankopen van staatsobligaties op de secundaire markt, lijkt het een vanzelfsprekendheid te concluderen dat de ECB de geldpers heeft aangezet. Niets is  minder waar. De geldpers is niet aangezet en zal ook niet worden aangezet.

Hoe technisch ook deze aangekondigde interventie van de ECB moge zijn, in het kort komt het erop neer dat geld dat de ECB aanwendt om steunaankopen in m.n. Spanje te doen, direct door de ECB elders uit de economie wordt gehaald. Dit wordt ook wel sterilisatie genoemd en de ECB stelt dat zij het volledige bedrag zal steriliseren. De ECB doet dit door bij banken hetzelfde bedrag als wat zij in staatsobligaties heeft gestoken weg te halen. Netto is daarmee het effect dat er nul euro’s de economie extra worden in gepompt.

Mandaatstelling ECB: prijsstabiliteit

De ECB heeft een enkelvoudig mandaat: zij dient enkel en alleen prijsstabiliteit te bewerkstelligen. Indien de ECB nieuw geprint geld de economie in zou pompen dan neemt de geldhoeveelheid toe en dat zal als effect hebben dat prijzen stijgen. Economen spreken dan van inflatie en dat moet de ECB juist voorkomen. Door de steunaankopen van staatsobligaties te steriliseren blijft de ECB binnen haar mandaat omdat er niet meer euro’s in omloop worden gebracht.

Verbod op monetaire financiering

Heel wat lastiger wordt de discussie of de ECB zich houdt aan het verbod op monetaire financiering van overheidstekorten. Immers, de ECB koopt staatsobligaties op de secundaire markt en die staatsobligaties zijn hoe je dit ook wendt of keert het gevolg van begrotingstekorten. Er wordt een monetaire bijdrage geleverd aan de invulling van de financieringsbehoefte van overheden. Bovendien daalt de rente op de desbetreffende staatsschulden en dat helpt overheden bij de financiering van huidige begrotingstekorten.

De ECB stelt dat zij in het kader van het monetaire transmissiemechanisme overgaat tot aankopen. Dat is een wollige omschrijving waarmee de ECB bedoelt dat zij de rente die zij voor de gehele eurozone heeft vastgesteld niet aan ziet komen in de landen die het moeilijk hebben. De angst onder beleggers, groot of klein, dat de euro uiteen zal vallen of dat banken of overheden zullen failleren, leidt ertoe dat beleggers hun geld weghalen uit probleemlanden met als gevolg dat daar de rente stijgt. Het transmissiemechanisme hapert en dat moet hersteld worden, aldus de ECB.

Door enerzijds de aankopen te steriliseren en anderzijds overheden voor wie een lagere rente via het opkopen van hun schulden gesteund worden te verplichten te hervormen, dwingt de ECB af dat zij zich op termijn uit de markt kan terugtrekken. De ECB neemt op die manier als het ware deel aan de markt maar laat de volledige verantwoordelijkheid om tot een fiscaal evenwichtig beleid te komen bij regeringen. De rente voor overheden moet door de markt bepaald worden, niet de ECB. De vraag is en blijft echter in welke mate de ECB in staat zal zijn om zich uit de markt terug te kunnen trekken zodat hierover geen enkele twijfel bestaat.

Geen unanimiteit

Op de vraag of het volledige bestuur van de ECB het nieuwe programma steunt antwoordde Mario Draghi dat één ECB-bestuurder niet akkoord is gegaan. Die tegenstem kan vrijwel niet anders van de Duitse centrale bankier Jens Weidmann afkomstig zijn en dat betekent dat de grootste aandeelhouder en meest invloedrijke centrale bank een belangrijk signaal afgeeft: de ECB begeeft zich op glad ijs.

Duidelijk mag zijn dat deze uitzonderlijke maatregelen de grenzen van het mandaat van de ECB hebben opgezocht en hebben bereikt. Hieruit kan worden opgemaakt dat de huidige financiële situatie estig zo niet precair is want zonder interventies kan de situatie in Zuid-Europa alleen maar verslechteren. Hoe dan ook geldt dat Europese politici en met name de regeringsleiders in de probleemlanden, aan zet blijven om een antwoord te vinden op de vraag hoe zij het gat in hun eigen hand kunnen dichten.

Kritiek

Persoonlijk acht ik de wijze waarop de aankopen van perifeer schuldpapier gekocht worden binnen het mandaat van de ECB te blijven. Echter, het is en blijft een onzalig pakket aan maatregelen. De huidige situatie is ontstaan door politiek gedraal en een weigerachtige houding om tot echte hervormingen te komen. Het gevolg is dat monetaire instrumenten moeten worden ingezet zodat een fiscale ontsporing van Zuid-Europa wordt voorkomen en dat zou niet moeten gebeuren.

Kritiek geven op de ECB is ontzettend makkelijk, maar die zou al snel voorbij gaan aan wat de ECB daadwerkelijk doet, en afleiden van waar het echt om gaat. Indien er kritiek geuit wordt, dan moet die allereerst uitgaan naar de veroorzakers van de problemen. Dat zijn en blijven overheden die samen met het bankwezen het huidige op krediet gebaseerde systeem hebben laten ontsporen. Overheden schrijven wetten en regels; de ECB niet.

Fiscale tekorten, mede als gevolg ontstaan door een schrijnend gebrek aan kekapitaal in het Europese bankwezen en seriële bailouts, en Keynesiaanse begrotingspolitiek zijn en blijven een politieke verantwoordelijkheid. Dat er monetaire instrumenten moeten worden ingezet, zij het gesteriliseerd, om zodoende te voorkomen dat Zuid-Europese economieën crashen, is een testimonium paupertatis en volledig toe te schrijven aan collectief falen van Europese regeringsleiders.