Jens Weidmann: “Centrale banken moeten focus op prijsstabiliteit niet verliezen”

BB: Weidmann, de Bundesbank verhoogde haar risico provisie deze week naar €14 miljard vanwege de eurocrisis. Wil dat zeggen dat het ergste nog moet komen?

JW: We zijn nu al drie jaar verwikkeld in het poces van het opbouwen van reserves. Dat reflecteert de risico's van monetair beleid en crisismaatregelen van de centrale bank. De eurocrisis is zeker nog niet voorbij. Het vinden van een blijvende oplossing zal nog steeds wat tijd in beslag nemen.

BB: De Duitse minister Woflgang Schauble van Financiën heeft een heel andere visie. Recent gaf hij min of meer het signaal dat het weer beter gaat, maar u stuurt een nieuw crisis-signaal uit.

JW: Onze analyse is niet veranderd. We hebben altijd al duidelijk gemaakt dat de eurocrisis niet voorbij zal gaan voordat structurele problemen opgelost zijn, vooral het gebrek aan concurrentievermogen en de hoge schuldenlast. Geloven dat alles nu op orde is omdat de financiele markten wat rustiger zijn geworden is een illusie en maakt de feitelijke situatie niet beter. Het verlaagt alleen de druk op landen om de blijvende onbalans in hun economieen aan te pakken.

BB: Hoe groot is het gevaar dat grote landen zoals Frankrijk zich niet aan hun belofte houden om te hervormen? Zal Frankrijk erin slagen haar economie weer op orde te brengen?

JW: Er zal geen twijfel over bestaan dat Frankrijk haar concurrentievermogen en aandeel op de wereldmarkt verloren heeft, terwijl het land nog steeds tekorten heeft op haar begroting. Daar moet actie op worden ondeomen. Echter zie ik Frankrijk niet als een crisisland. Net als Duitsland is ook Frankrijk een zwaargewicht is Europa en draagt ze ook een zekere verantwoordelijkheid in de Europese context. Daarom moet ze een voorbeeldfunctie vervullen in het naleven van Europese overeenkomsten en procedures.

BB: Italië moet ene grotere zorg voor u zijn. Hervormer Mario Monti is weggestemd en er is nu een groot gevoel van politieke onzekerheid. Is het voor de Europese Centrale Bank nog steeds zinvol om miljarden euro's in het land te pompen?

JW: Als politieke sleutelfiguren in Italië praten over het terugdraaien van hervormingen of zelfs over het verlaten van de muntunie, dan zal de Italiaanse obligatierente als gevolg daarvan sterk stijgen. Dit kan en mag geen reden zijn voor interventie door de centrale bank. Uiteindelijk is het een kwestie van politici in het land zelf die het vertrouwen hoog moeten houden in de houdbaarheid van de publieke financiën.

BB: Met andere woorden: Als Italië en haar poltici met vuur spelen, dan dragen ze daar zelf de gevolgen voor?

JW: Om er zeker van te zijn dat de monetaire unie een stabiele unie blijft werd een basisprincipe opgenomen in de verdragen: Elk land is voor haarzelf verantwoordelijk. Het is aan het electoraat en de overheid om te bepalen welke richting het nationale beleid op gaat en zij zijn het ook die daar de gevolgen van moeten ondervinden. Ze moeten niet op anderen kunnen leunen om deze kosten te dragen. Juist om deze reden is een uitvoerige uitwisseling van verplichtingen en geldpersfinanciering door de centrale bank volgens het Europese verdrag verboden.

BB: Maar zelfs de leider van de Vrije Democratische Partij, Rainer Bruderle, praat openlijk over een vooruitzicht van Italië dat de Eurozone verlaat.

JW: Ik heb geen aandeel in die discussie, maar tegelijkertijd denk ik ook dat het niet behulpzaam is. Hetzelfde geldt voor uitspraken die Italiaanse politici zouden maken tegenover andere landen.

BB: Veel Europese politici vragen om meer crisishulp van de Europese Centrale Bank. Hoe gevaarlijk is deze constante politieke druk voor uw onafhankelijkheid? 

JW: De trend van politieke beïnvloeding van de centrale bank is niet iets dat zich beperkt tot de eurozone. Het is een wereldwijd fenomeen. Centrale banken hebben de rol op zich genomen om brandjes te bestrijden in deze crisis en daarin hebben ze de scheidingslijn doen vervagen tussen monetair beleid en het fiscale beleid van de regering. Dit vormt een bedreiging voor de onafhankelijkheid van de centrale banken. Het gevaar loert dat het vertrouwen verloren gaat in centrale banken die hun focus op prijsstabiliteit zouden moeten leggen.

BB: Veel regeringsleiders willen beroep op u doen om als centrale bankier meer te doen om brandjes te bestrijden. Ze richten zich niet op de politiek in eigen land.

JW: Dat is inderdaad het geval en dat is heen nieuw fenomeen. Maar het is verre van correct. Het was uitgerekend deze reden waarvoor de monetaire unie geschapen werd en een nieuwe centrale bank gevestigd werd als volledig onafhankelijke institutie met één helder doel van prijsstabiliteit. Een simpele reden waarom men steeds oproept tot ingrijpen door de centrale bank is omdat het een manier is om het complexe proces van politieke overeenkomst te vermijden. Hoe dan ook, sommige beslissingen moeten gewoon gemaakt worden door politici, dus in het parlement. Als centrale bankiers de problemen van politici moeten oplossen, dan riskeren ze de focus te verliezen om hun enige doel, namelijk prijsstabiliteit.

BB: Wat heeft de eurocrisis Duitsland tot op heden gekost? En welke risico's van miljarden euro's staan nog in de boeken?

JW: Het draait momenteel niet om de kosten, maar het hoge risico dat de centrale bank heeft genomen. Deels door directe financiële assistentie en deels door monetaire maatregelen zoals het aankopen van staatsobligaties. Uiteindelijk zullen de Europese belastingbetalers deze risico's moeten dragen.

BB: De Bundesbank heeft totnogtoe miljarden aan rente verdiend op al het Griekse, Spaanse en Italiaanse staatspapier.

JW: Dat klopt, maar deze renteopbrengst is alleen maar zo hoog omdat het risico dat we op ons genomen hebben ze groot is. Een hoog rendement gaat doorgaans had in hand met een hoog risico en dat geldt ook voor de staatsobligaties die we op onze balans hebben opgenomen.

BB: De Bundesbank is geen hedgefonds, toch?

JW: Nee. Het is ook helemaal niet de taak voor een centrale bank om winst te genereren of om deel te nemen in risicovolle transacties met als doel winst te behalen. Onze taak is niets meer of minder dan het bewaken van monetaire stabiliteit. Een hoger risico op de balans zetten is duidelijk onvermijdelijk voor een centrale bankier in crisistijd. Desondanks zijn we tegenstander van een extensieve overdracht van solvabiliteitsrisico's bij overheden en financiele banken naar de balans van de centrale bank. Deze risico's strekken verder dan ons mandaat.

BB: Zou Duitsland meer moeten doen om zwakke landen in de eurozone te helpen? Bijvoorbeeld door de lonen in eigen land te verhogen en door minder te exporteren? Dat is een oproep van sommige linkse politici en experts.

JW: Deze benadering zal het probleem niet oplossen en zal aan het eind van de rit niemand beter maken. De Bundesbank heeft hier berekeningen op losgelaten. Het resultaat van deze berekeningen was dat, indien Duitsland haar concurrentievermogen ten opzichte van andere eurolanden zou verzwakken – door bijvoorbeeld de lonen sneller te laten stijgen dan de productiviteit – dat er dan een gevaar loert dat de werkgelegenheid en productiviteit van Duitsland omlaag gaat zonder dat er een positief effect gemeten zal worden in de eurolanden die hard door de crisis geraakt zijn. Europa is geen eiland, de eurozone moet als geheel meer concurrerend worden in een wereldwijde markt.

BB: Desondanks is er, ook in Duitsland, een sterke oproep om de lonen significant te verhogen…

JW: Duitse werkgevers en vakbonden hebben zeer verantwoord gereageerd in de laatste jaren. Dat heeft absoluut geholpen om onze werkloosheid laag te houden. Ik neem aan dat men dit pad zal blijven volgen. Echter, met sterke werkgelegenheidscijfers en een gunstig macro-economisch vooruitzicht, zullen de lonen in Duitsland waarschijnlijk wel harder gaan stijgen dan in andere landen van de eurozone.

BB: Ook al doet Duitsland het goed op dit moment, hoe urgent is er dan een hervormingsoffensief nodig. Een “Agenda 2020”?

JW: We moeten alle gebeurtenissen in de gaten houden en niet de fout maken gemakzuchtig te worden en daarmee in gevaar te brengen wat reeds bereikt is. Duitsland staat voor grote uitdagingen. Eén van de grootste is de vergrijzing van de bevolking. Het is daarom van groot belang dat we ons sociale zekerheidsstelsel en onze arbeidsmarkt daar ruim op tijd op afstemmen.

BB: Luistert de regering naar deze wens? Of wil je graag meer steun ontvangen?

JW: Ik geloof dat mijn stem, als president van de Bundesbank, gehoord wordt. Of het advies van de Bundesbank altijd ter harte wordt genomen is een andere vraag. Echter, politici moeten deze beslissingen nemen en dat is maar goed ook. We zullen blijven proberen mensen te overtuigen van onze argumenten. Mijn indruk is dat onze beleidsfocus op stabiliteit brede steun geniet bij het Duitse publiek.

BB: Dat is niet vreemd, men vraagt zich toch af wat voor gevaren de eurocrisis meebrengt voor spaartegoeden, nietwaar?

JW: Wij nemen deze zorgen erg serieus. De rente die men krijgt op zeer veilige financiele activa is momenteel wat lager dan de inflatie. Dit is geen normale situatie, het is een gevolg van de crisis. De rente zal terugkeren naar een normaal niveau zodra deze crisis voorbij is. Wij als centrale bank hebben de taak om de prijsstabiliteit te bewaken en moeten er dus ook voor zorgen dat inflatie de koopkracht van het spaargeld van de mensen niet opeet.

BB: Veel politici hebben er een andere kijk op. Die prefereren een hogere inflatie om de crisis en de schuldenlast te verlichten.

JW: Er zijn er inderdaad een aantal die de oplossing zien in een hogere inflatie. Ik zie een dergelijke benadering als potentieel ontvlambaar. Zodra je de inflatie laat oplopen wordt het zeer moeilijk om deze weer te bestrijden. Op de korte termijn geven onze projecties geen excessieve prijsstijging weer. Echter zou ik willen waarschuwen voor een onderschatting van het middellange en langetermijn risico voor de stabiliteit. Er mag geen twijfel over bestaan dat, zodra het kan, het monetaire beleid weer strakker getrokken zal worden.

BB: Zorgt angst voor inflatie al voor een vlucht richting aandelen en vastgoed? Is er hier een gevaar van speculatieve bubbels?

JW: Er zal geen twijfel over bestaan dat een omgeving met een zeer lage rente en onzerheid over de toekomst een effect heeft op de beleggingsbeslissingen van veel mensen. Desondanks zie ik momenteel nog geen speculatieve bubbels in Duitsland. Aandelenkoersen moeten geevalueerd worden in de context van winstverwachtingen. Stijgende prijzen in vastgoed zijn niet problematisch, zo lang deze niet gedreven wordt door een sterke toename in de hypotheekschuld. Dat zien we momenteel niet. Echter, in de toekomst zal de Bundesbank meer data gaan verzamelen uit kritische deelmarkten. Een voorbeeld daarvan is de prijsontwikkeling is grote stedelijke gebieden. Je kunt er gerust op zijn dat wij deze ontwikkelingen nauwlettend in de gaten houden.

BB: Veel mensen buiten Duitsland zien onze angst voor inflatie als irrationeel en soms zelfs als hysterisch. Is dat ook zo?

JW: Het is alles behalve irrationaliteit of Duitse gekheid. Binnen de Europese Centrale Bank kwamen we tot een heldere definitie van prijsstabiliteit. Voor ons betekent prijsstabiliteit een inflatie onder, maar dicht bij, de twee procent over de middellange termijn. Na de hoge inflatie van de jaren '70 en '80 zijn meer landen gaan erkennen dat prijsstabiliteit niet schadelijk maar juist bevorderlijk is voor economische groei.

BB: Jullie eenzijdige benadering heeft bijna een campagne tegen jullie veroorzaakt buiten Duitsland: Men zegt dat jullie bij de Europese Centrale Bank geisoleerd zijn. De Amerikaanse president Barack Obama zou zelfs minachtend gevraagd hebben: “Wie is dat?” In hoeverre heeft dit invloed op u gehad?

JW: Het is zeker geen schande dat de Amerikaanse president zich uitlaat over mijn posities. Het laat in feite zien dat onze argumenten besproken worden en dat de Bundesbank serieus genomen wordt. De eurozone zit vast in een crisis en wij worstelen om de juiste antwoorden te vinden. De Bundesbank pleit voor een op prijsstabiliteit georienteerde positie en ziet het als een vergissing om monetair beleid te overladen met teveel taken.

BB: Spreekt Duitsland met één stem binnen de ECB of zou je meer steun willen hebben van Jorg Asmussen?

JW: Het zou verkeerd zijn om aan te nemen dat de ECB nationale belangen wil vertegenwoordigen, of dat nou Duitse, Franse of andere belangen zijn. Wij hebben als taak om monetair beleid te voeren voor de eurozone als geheel. Het zou een gevaarlijke ontwikkeling zijn om onderscheid te maken tussen Duitse, Franse of andere belangen. Het is exact om deze reden dat ik gepleit heb voor een duidelijke scheiding tussen Europees monetair beleid en fiscaal en economisch beleid op nationaal niveau. Als we deze scheiding niet respecteren, dan komt inderdaad de vertegenwoordiging van nationale belangen naar voren.

BB: Maakt de kracht en het economische succes van Duitsland de onderhandelingen moeilijker voor u?

JW: Zelfs als Duitsland sterker door deze crisis komt dan andere landen in de eurozone zou het een vergissing zijn om een arrogante en aanmatigende houding aan te nemen. Hoe dan ook is Duitsland wel een voorbeeld van hoe structurele hervorming loont.

BB: In welke mate heeft u de afgelopen jaren geprofiteerd van de nauwe samenwerking met bondskanselier Angela Merkel?

JW: Het is zeker niet slecht om vertrouwd te zijn met hoe de politiek werkt in Berlijn. Ik heb veel geleerd van de samenwerking met de bondskanselier en ik vond het persoonlijk erg lonend. Echter, als president van de Bundesbank heb ik een totaal andere functie dan die ik had in de regering.

BB: Hoe close is het contant tussen u en de bondskanselier nu?

JW: De president van de Bundesbank en de bondskanselier zijn met elkaar verbonden via verschillende formele kanalen. Zo ben ik aanwezig bij kabinetsbijeenkomsten als de Duitse begroting besproken wordt. Ook adviseer ik de bondskanselier inzake monetair beleid. We hebben een extensieve uitwisseling van ideeën.

BB: Je praat over de discussies tussen de president van de Bundesbank en de bondskanselier. Maar hoe close communiceren Jens Weidmann en Angela Merkel met elkaar als persoon?

JW: We hebben een persoonlijke relatie die gebouwd is op vertrouwen. Dat maakt het voor ons makkelijker om delicate onderwerpen te bespreken, ook als onze meningen soms verschillen.

Jens Weidmann benadrukt het belang van onafhankelijkheid van een centrale bank (afbeelding van Reuters)

Bron artikel: Bundesbank

Vertaling door: Frank Knopers

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.