Rusland en Saoedi-Arabië, de twee grootste olieproducenten ter wereld, hebben vooralsnog geen plannen hun productie te verlagen. Sterker nog, in beide landen is de productie de afgelopen maanden juist toegenomen, ondanks het structurele overschot op de wereldwijde oliemarkt. Rusland heeft de afgelopen jaren geleidelijk haar productie opgeschroefd en produceerde in september een recordhoeveelheid van 10,74 miljoen vaten olie per dag. Dat is het grootste volume sinds het uiteenvallen van de Sovjet-Unie.

Ook Saoedi-Arabië heeft dit jaar de productie verder opgeschroefd, waardoor het overschot op de oliemarkt in stand wordt gehouden. Daar betaalt het land een hoge prijs voor, want door de dalende opbrengst van de olie-export ziet hun begroting er opeens een stuk slechter uit. Het land is voor 90% van haar inkomsten afhankelijk van olie en zal volgens berekeningen van het IMF door de halvering van de olieprijs uitkomen op een begrotingstekort van 19,5%. Het is niet voor niets dat het land onlangs obligaties uit moest geven om het gat in de begroting te financieren.

crude-output-russia-saudiarabia

Rusland en Saoedi-Arabië willen productie niet verlagen

OPEC buitenspel

Zonder de medewerking van Saoedi-Arabië staat de OPEC machteloos. In het verleden konden de OPEC-landen vaak overeenstemming bereiken over het terugschroeven van de productie, met als doel de olieprijs kunstmatig hoog te houden. Nu een steeds groter deel van de wereldwijde olieproductie afkomstig is van niet-OPEC landen (waaronder Rusland) is het moeilijker geworden de olieprijs te beïnvloeden. Het voortbestaan van de OPEC wordt bedreigd, nu de twee grootste olieproducenten zich niet meer aan de productiequota willen houden.

Christopher Weafer van het consultancy bureau Macro-Advisory verklaarde tegenover de Wall Street Journal dat er geen enkele kans is dat Rusland gaat deelnemen aan de OPEC. “Rusland heeft een heel andere benadering dan de meeste OPEC-landen. Het streeft er voortdurend naar zoveel mogelijk olie te produceren”, aldus Weafer. Ook olie & gas analist Pavel Kushnir van Deutsche Bank verwacht niet dat Rusland de productie gaat verlagen, nu de olieprijs zo ver gezakt is.

Wat betekent de lage olieprijs?

Vorig jaar november werd duidelijk dat de olieproducerende landen geen overeenkomst zouden bereiken over het ondersteunen van de olieprijs. Sindsdien is de prijs in een rap tempo gehalveerd tot minder dan $50 per vat. Maar waarom ondernemen Rusland en Saoedi-Arabië geen enkele poging om de olieprijs op te drijven?

Het is in deze context goed om te begrijpen dat verreweg de meeste olie in de wereld nog in dollars wordt afgerekend. Een hoge olieprijs betekent dus ook veel vraag naar de Amerikaanse dollar. Daalt de olieprijs, dan hebben landen minder dollars nodig om hun energierekening te betalen. En als landen minder dollars nodig hebben voor het internationale handelsverkeer, dan betekent dat ook dat landen minder dollarreserves nodig hebben en meer kunnen diversificeren richting andere handelsmunten zoals de euro en de renminbi.

Nu Rusland de olieproductie opschroeft ziet Saoedi-Arabië geen andere optie dan om ook zelf maar de oliekraan verder open te draaien. Want zouden ze de productie wél terugschroeven, dan kan Rusland dat gat opvangen en de winst opstrijken. Ook dat kan niet de bedoeling zijn. Het is opvallend dat de Saoedi’s als trouwe bondgenoot van de VS niet langer streeft naar een hogere olieprijs. Is het onmacht? Of is het onwil?

Schalie-olie

De Verenigde Staten lijkt vooralsnog de grootste verliezer te zijn van deze ontwikkelingen. Hun schalie-olie heeft een veel hogere kostprijs en de industrie die om deze schalie-revolutie heen gebouwd is blijkt voor een groot deel gefinancierd te zijn met schulden. Het mag dan ook geen verrassing zijn dat de productie van schalie-olie dit jaar een enorme terugval heeft meegemaakt. Afgelopen vrijdag werd bekend dat het aantal actieve schalie-olie installaties in de VS was gedaald naar het laagste niveau in vijf jaar tijd.

oil-rig-chart-7-2-15

Aantal schalie-olie installaties in de VS zakte naar het laagste niveau in vijf jaar